donderdag 5 september 2019

The other fella

George Lazenby 80 jaar




‘Ik ben James Bond!’, riep George Lazenby in 1969 tegen iedereen die het maar wilde horen. Hij voelde het, James Bond zat in zijn poriën. ‘Het is een prettige ontdekking’, aldus de acteur vijftig jaar geleden. Een compleet ander geluid dan zijn voorganger, die geen moment aan zich voorbij liet gaan om te melden dat hij James Bond vooral níet was.

George Lazenby, de man die zo graag wilde, de man die er alles aan deed de felbegeerde rol te bemachtigen — en er daarna evenzo snel weer van af wist te komen. Die man is vandaag 80 jaar geworden.

Hij had een contract aangeboden gekregen voor nog eens zes Bond-films. Na On Her Majesty’s Secret Service mocht hij van producenten Saltzman en Broccoli gewoon aanblijven, net als voorheen met Sean Connery was gedaan. Dat was het plan.

Niet Lazenby’s plan.

James Bond was uit de tijd, vond de kersverse acteur nadat zijn eerste film was ingeblikt. Hij was bang dat volgende Bond-films zijn verdere carrière zouden schaden. Eind november 1969 werd wereldkundig dat de nieuwe Bond alweer verleden tijd was, nog voordat iemand Lazenby in de rol had kunnen beoordelen.

De recensies


‘Zijn jongste technicolor-robbertje heet IN DIENST VAN HARE MAJESTEIT en hij opereert in de gedaante van George Lazenby – geen Connery, maar het verschil valt nauwelijks op.’ (Het Vrije Volk, 18 december 1969)

‘Het resultaat is, tegen elke verwachting, hoogst plezierig geworden. Of het nu door nieuwe ster George Lazenby komt is moeilijk te zeggen, maar Bond blijkt niet alleen uiterlijk maar ook innerlijk zeer ten goede veranderd.’ (De Waarheid, 19 december 1969)


‘Over de man ben ik minder enthousiast; bij een vergelijking met zijn voorganger blijft hij nergens. Hij heeft weliswaar een atletische gestalte en weet zijn knuisten best te gebruiken, maar hij mist de innerlijke beschaving, de superieure houding en de overrompelende sex-appeal van Connery. (…) Kortom, Connery was 007, Lazenby is hooguit 006.’ (Henk ten Berge in De Telegraaf, 19 december 1969)

‘De fans van Sean Connery zullen met teleurstelling merken dat diens opvolger George Lazenby een slappe 007 is. Een van de redenen waarom deze James Bond in waarde sterk achteruit gaat.’ (Peter van Bueren in De Tijd, 19 december 1969)

‘De nieuwe, het ex-fotomodel George Lazenby, heeft een wat weker gezicht. Hij komt er echter niet slecht af, waarschijnlijk vooral door de regie van Peter Hunt, ook al een nieuwe naam.’ (Nieuwsblad van het Noorden, 19 december 1969)


‘Het is bij Hunt niet een kwestie van zo compact mogelijk, maar van zo lang mogelijk actiefilmen.’ (Algemeen Handelsblad, 19 december 1969)

‘James Bond is dezelfde niet meer. Hij ziet er nu uit als George Lazenby, die wel een soepele krachtfiguur is, maar geen groot acteur.’ (Trouw, 19 december 1969)

‘Geheim-agent 007 moge wezen wie hij wil, in ieder geval geen Jan Oliebol. Met Lazenby echter heeft de Engelse geheime dienst zo’n Jan aangeschaft die blakend van advertentie-glamour een nieuw Bond-avontuur aan zich ziet voorbijgaan.’ (Bob Bertina in De Volkskrant, 19 december 1969)

‘Wennen aan andere Bond valt wel mee.’ (Het Parool, 19 december 1969)

Vetes


Uit protest, en tegen de wensen van de producenten in, verscheen Lazenby in december 1969 met lang haar en een zware baard op de koninklijke première van zijn eerste en enige Bond-film. Hij leek in niets op de geheim agent van het witte doek. En dat was helemaal de bedoeling. Hij voelde zich geen James Bond meer. James Bond kon de pot op.


Het is een beslissing die de nu tachtigjarige George Robert Lazenby tot de dag vandaag betreurt. Wat als hij…

Hij was jong, 29 jaar om precies te zijn, 30 toen de film uitkwam. Onbehouwen, onervaren, onhandelbaar. Een jongen die zoveel zelfvertrouwen uitstraalde, maar zich vanbinnen vaak eenzaam voelde op de filmset.

Regisseur Peter Hunt, die overigens vierkant achter zijn nieuwe James Bond stond, liet diezelfde James Bond keihard vallen, door tijdens het draaien nauwelijks contact met hem te hebben. Lazenby vatte dit persoonlijk op, voor Hunt was het een truc om de rauwe eenzaamheid die met de Bond-rol gepaard gaat in de acteur naar boven te halen. Lazenby verklaarde later dat het contact met zijn regisseur via een assistent liep. Hunt wuifde dit weg, want hoe kun je een film regisseren als je niet eens met je acteurs praat…


Met tegenspeelster Diana Rigg boterde het ook niet. Een beroemd voorval is de knoflookaffaire. Vlak voor een intieme scène met Lazenby had Rigg een curryworst naar binnen gewerkt. Iets wat Lazenby haar via de media verweet, waarna een brievenoorlog tussen de twee ontstond in de Engelse dagbladen. Rigg antwoordde dat zij hem van te voren over haar diner had ingelicht en wierp als tegenvraag op waarom zij dit expres zou doen als deze scène voor hen allebei belangrijk was?


Het was vijftig jaar geleden niet anders dan nu. Iedere scheet op de Bond-set wordt het liefst zo groot mogelijk uitgemeten. Doet er niet toe of iemand er een heeft gelaten. Een ogenschijnlijk verhitte discussie tussen Daniel Craig en regisseur Cary Fukunaga op de set van No Time To Die in Jamaica in mei dit jaar, werd al gelijk een ruzie. Sinds die tijd schijnt Daniel Craig alleen nog maar via een assistent met zijn regisseur te spreken.

Privileges


Vorige week lekte naar buiten dat Craig en Cary gezellig met cameraregisseur Linus Sandgren naar diens geboortegrond Zweden waren vertrokken voor een paar relaxte daagjes met z’n drietjes in Centør Pårcs. Even zonder Barbara, even zonder Moneypenny. Even zonder vrouwen. Een mannenweekend met veel Guinness, schuine moppen en trek-is-aan-me-vinger. Niks geen ruzie, gewoon een professioneel meningsverschil van man tot man. Nu kunnen ze er in Italië weer helemaal tegenaan voor een maandje.

Craig is inmiddels met zijn vijfde Bond-film bezig, wat hem bepaalde privileges geeft. Zo zat hij vorige maand nog met een stel vrienden bij de rugbywedstrijd Engeland – Wales. Met deze vrijheden blijft het voor hem leuk om te doen. De druk op die film is al zo groot. Al verveelde George Lazenby zich ook niet bepaald bovenop een verlaten bergtop met twaalf allergiepatiënten (die overigens geen van allen iets van zijn avances moesten hebben).

Wat als…


Wat als Lazenby zich iets volwassener had gedragen, iets minder de James Bond had uitgehangen, iets minder zelfverzekerdheid had getoond…


Aan zijn prestatie ligt het niet. Hij is dan geen Sean Connery, maar wie de moeite doet langs Bond nummer één heen te kijken, zal in nummer twee een prima 007 zien. Grote vraag blijft: was Connery in staat geweest in diezelfde periode een dosis vitaliteit in zijn James Bond-rol te stoppen? Lijkt mij welhaast uitgesloten, dat was al jarenlang trekken aan een dood paard. Nu stond er een James Bond die er zin in had. En als hij die zin had vastgehouden, had hij Diamonds Are Forever (1971) ook kunnen doen, en Live and Let Die (1973), tot en met For Your Eyes Only (1981) als hij zijn zevenvoudig contract zou uitdienen (en als we voor het gemak dezelfde filmvolgorde als in werkelijkheid aanhouden). Hij zou tegen die tijd pas 42 zijn!

Dan was George Lazenby niet verworden tot die ene Triviantvraag: wie speelde slechts eenmaal James Bond? De eeuwige discussie zou dan luiden: wie is de beste, Connery of Lazenby? Roger Moore zou na The Persuaders! de rest van zijn leven koddige tv-series blijven maken en af en toe in een onbekende film opduiken.

The other fella


De enige film waar we serieus op hadden kunnen hopen, is George Lazenby in Diamonds Are Forever, wat daarna zou komen, is nog koffiedikker kijken.

De opvolger van OHMSS had alles in zich om de perfecte wraakfilm te worden. In niets in Diamonds is te merken welk verschrikkelijk lot Mr en Mrs Bond hebben moeten ondergaan. In het begin lijkt het nog ergens heen te gaan als Bond over de gehele wereld de jacht op Blofeld inzet. Als hij hem dan eindelijk te pakken heeft, verzuipt de aartsvijand vrij onbevredigend in een kokende modderpoel. Dat later blijkt dat Bond een dubbelganger heeft koud gemaakt, maakt het allemaal niet beter. ‘Welcome to hell Blofeld’, zegt Connery met een ongepaste glimlach. Niet eens een wrede. Om niet veel later te worden aangesproken met: ‘You’ve been on holiday, I understand’ en ‘We do function in your absence, Commander.’ Om nog maar even duidelijk te maken dat Connery de enige echte James Bond is en het ‘foutje’ dat Lazenby heet maar zo snel mogelijk moet worden vergeten.


Lazenby verdiende een tweede Bond-film en wij verdienden een tweede Bond-film met George Lazenby. Al was het maar om hem in de rol te zien groeien.

Tegenwoordig is Lazenby, na het overlijden van Roger Moore in 2017, de enige oud-James Bond die zich met grote regelmaat laat zien en met trots vertelt over zijn eenmalige roem. Bezoek vooral ook eens zijn website en bekijk de erg leuke semi-docu Becoming Bond, over hoe George Lazenby James Bond werd. Op 21 september wordt James Bond nummer twee bovendien geëerd met een Lifetime Achievement Award tijdens het 16e CineFest Film Festival in Hongarije.

Via Twitter laat Lazenby weten:


This never happened to the other fella…

Geen opmerkingen:


© Bond Blog 2009 — 2019
Alle fotorechten voorbehouden aan Danjaq LLC. / Eon Productions, United Artists Co., MGM Studios, Columbia Pictures, 20th Century Fox Home Entertainment, Sony Pictures Inc., Universal Pictures