woensdag 10 april 2013

A Whisper of Love



Als tiener begin jaren negentig kocht ik mijn eerste James Bond-boeken. Eigenlijk kocht mijn zusje ze voor mij, ik schaamde me een beetje om ze af te rekenen. Het was zomervakantie en wij gingen zoals ieder jaar de hort op met onze tot camperbus omgebouwde tandartsbus. De Zwarte Beertjes van A.W. Bruna gingen mee. Octopussy was het eerste boek dat ik opensloeg.


Het was geen makkelijke klus om doorheen te komen. Het leek helemaal niets op de films die ik zo leuk vond, destijds vooral die met Roger Moore. Toch lukte het om de korte verhalen Octopussy, Veel liefs uit Berlijn (The Living Daylights) en Om het bezit van een dame (The Property of a Lady) tot een goed einde te brengen, waarop het volgende karwei aan de beurt was: Goldfinger. Waar het een hele poos duurde voordat ik doorhad wie de vertaler nou met Klusjesman bedoelde, en dan die mejuffrouw Grijpstuiver, de secretaresse van M - het was nogal een opgave allemaal. En het zomerse weer lonkte. De man met de gouden vingers moest maar even wachten. 

De jaren daarna was het vooral boekenmarkten afstruinen op zoek naar de ontbrekende delen. De boeken hadden het prima naar hun zin op de plank. Ze waren om bekeken te worden, niet om te lezen. Na verloop van tijd sloot Casino Royale zich ook aan in dat rijtje.

Toen ik in 1998 met mijn studie journalistiek begon, en daardoor dagelijks moest reizen met trein en bus, leek het wel weer eens tijd te worden voor Ian Fleming. Als nuttig tijdverdrijf. En bovendien: ik was toch fan? Kon ik meteen in de goede volgorde beginnen, met Casino Royale, misschien dat dat zou helpen.

Maar opnieuw kon Fleming mij niet echt boeien. Ik moest nog wel een paar jaar naar Utrecht toe, ik had geen enkel excuus om niet nog even door te ploeteren met de Bond-boeken. Dus na Casino Royale aan Moord onder water (Live and Let Die) begonnen. Met tegenzin.

...Wat een fantastisch boek is dat! En dan de geur van de vergeelde bladzijden: pure nostalgie.

Het was gelukt, is was gegrepen door een boek van Ian Fleming. Hoog spel (Moonraker), bleek nog beter. Vooral het bridgespel dat pagina’s en pagina’s de spanning wist vast te houden was adembenemend. Doden voor diamanten (Diamonds Are Forever), Veel liefs uit Moskou (From Russia with Love) – de treinreizen konden mij niet lang genoeg duren!

Na alle veertien boeken van Fleming gelezen te hebben, en die van Kingsley Amis en een aantal van John Gardner er achteraan, heb ik Casino Royale een tweede kans gegeven: ik ben op Lanzarote op pagina 101 La Vie en Rose blijven steken. En daar zit ik nu na tien jaar nog steeds.

Wel inmiddels de Engelse versie gelezen, maar om nou te zeggen dat het mij veel leesplezier heeft bezorgd - misschien ooit nog eens. Met enige schaamte moet ik concluderen dat ik Casino Royale gewoon niet zo’n goed boek vind...

Deze zaterdag, op 13 april, is het precies 60 jaar geleden dat de wereld kennismaakte met James Bond in Ian Flemings Casino Royale. Was het een slecht boek geweest, dan hadden we nooit meer van 007 gehoord.

Het ligt geheel aan mij. Wat een geluk dat ik geen smaak heb.

1 opmerking:

JW Pepper zei

Nou Jasper, je bent niet de enige. Ik had ook grote moeite met Casino Royale toen ik hem voor het eerst las. Ik vind het ook niet een van de beste maar de openingszin is wel legendarisch: "The scent and smoke and sweat of a casino are nauseating at three in the morning."