zondag 23 februari 2020

Smaakmakers

De speelduur van de pre-title sequence onder de loep


No Time to Die opent volgende maand met de langste pre-title sequence voor een Bond-film ooit, zeggen de producenten van de langstlopende filmserie. Vandaar dat Bond Blog de duur van die beginsequenties eens onder de loep heeft genomen. Want laten we wel wezen: de pre-titles zijn een onmiskenbaar juweel uit de Bond-serie. Kort of lang zijn het mini-avonturen op zichzelf. Wie een avondje pre-titles kijkt, is daar bijna twee uur en drie kwartier mee zoet, krijgt een uiterst gevarieerd beeld van James Bond en maakt kennis met de mooiste stunts. Bond bewaart het lekkerste zeker niet voor het laatst.

Uit de pre-title sequence van Casino Royale (2006)

Het is zoals Ian Fleming zijn avonturenromans ook begint: middenin de actie. James Bond is op missie en pas daarna zullen we horen wat zijn daadwerkelijke opdracht voor de rest van het verhaal wordt. Eerst worden we lekker gemaakt met een smaakmaker van jewelste.

De pre-title sequence van James Bond is per ongeluk ontstaan. De eerste Bond-film, Dr. No (1962), heeft er geen. Daar stappen we na de gunbarrel direct over op de begintitels. De tweede film, From Russia with Love (1963), zou er ook geeneen hebben gehad als regisseur Terence Young en editor Peter Hunt gelijk tevreden waren geweest met het begin van de film. Verhaaltechnisch liepen de beginscènes niet lekker en er zat ook een vreemde eend bij: Red Grant die in het duister jacht maakt op James Bond. Dat paste nergens lekker tussen. Vandaar dat regisseur en editor besloten deze einzelgänger aan het begin van de film te plaatsen, tussen de gunbarrel en de begintitels. En zie daar de totstandkoming van de eerste pre-title sequence. Geheel per ongeluk dus.

From Russia with Love (1963)

Deze eersteling zet gelijk de onheilspellende Hitchcockiaanse sfeer voor de rest van de film neer, met een leuke twist aan het eind. Want het is niet Bond die in één minuut en 52 seconden wordt vermoord, maar een dubbelganger met een masker van Sean Connery op.

Daar wordt wel een beetje met de tijd gesjoemeld. Want doet Grant er net geen twee minuten over Bonds dubbelganger te wurgen, deze beginscène duurt in totaal iets meer dan tweeënhalve minuut. Daarmee is de eerste pre-title sequence meteen de kortste uit de Bond-serie.

Vanaf dan wisselt de speelduur van beginsequenties. Goldfinger (1964) komt met het prachtige mini-avontuur (meeuw, duikpak, tuxedo, explosie en elektrocutie dat verder niets met de rest van de film te maken heeft) op exact vierenhalve minuut uit. Opvolger Thunderball (1965) zit met de jetpack net over de vier minuten.

Goldfinger (1964)

Dan begint de lengte van de beginsequentie langzaam toe te nemen. You Only Live Twice vertelt in bijna vijfenhalve minuut een verhaaltje dat zich op drie locaties afspeelt: de kaping van de ruimtecapsule, de daaropvolgende bijeenkomst tussen Rusland en de VS en Bond die in Hongkong pekingeend vergelijkt met Russische kaviaar. Hij brengt het er niet levend van af. Maar gelukkig: men leeft tweemaal…

On Her Majesty’s Secret Service (1969) schroeft de speelduur van de pre-titles met het prachtige ‘zeegezicht met figuren’ op naar een goeie zes minuten (‘This never happened tot he other fella’), waarna Diamonds Are Forever (1971) met de jacht op Blofeld en de bak met aardappelpuree met iets meer dan vier minuten terug is bij de speelduur van Thunderball. En Live and Let Die (1973) houdt het bij vier minuut nog wat in deze eerste pre-title waarin de acteur die James Bond speelt niet voor komt.

On Her Majesty’s Secret Service (1969)

Diamonds Are Forever (1971)

The Man with the Golden Gun (1974) neemt ruim zevenenhalve minuut de tijd om de nieuwe schurk te introduceren op diens unheimische eiland in het Verre Oosten. Het maakt gelijk duidelijk dat het in deze film om Christopher Lee draait; voor Roger Moore is in deze sequentie (of zo je wilt in de hele film) enkel een rol als wassenbeeld weggelegd.

The Man with the Golden Gun (1974)

The Spy Who Loved Me (1977) sluit met een pre-title van ruim zeven minuten aan bij de vorige film. Dit keer eenzelfde opzet als bij You Only Live Twice (toevallig of niet beide onder regie van Lewis Gilbert), waarin dit keer geen ruimtecapsule maar een onderzeeër wordt gekaapt. James Bond wordt uit een Oostenrijkse berghut gesommeerd, waarna hij er in zijn bananenpak per ski op uittrekt. Nadat hij eerst de geliefde van zijn latere Bond-girl om het loodje legt, volgt een van de meest iconische stunts uit de geschiedenis van de James Bond-films: de vrije val van de Asgard. Het is vanaf hier dat de stunts een grote rol gaan spelen in de pre-title sequence.

Zoals Moonraker (1979), met wederom dezelfde opbouw als You Only Live Twice en ook van Lewis Gilbert, opnieuw een vrije val toont. Ditmaal zonder parachute uit een vliegtuig. Een prachtstunt. En let gelijk even op Jaws als co-piloot. De duur van de pre-titles is teruggeschroefd naar iets meer dan 5 minuten.

The Spy Who Loved Me (1977)

Moonraker (1979)

For Your Eys Only (1981) komt met de helikopterstunt op bijna zes minuten en Octopussy (1983) met de acrostar uit de paardenkont op bijna zeven. Het is sinds Goldfinger dat beide beginsequenties van deze films compleet losstaan van de rest van het filmverhaal. Wat betreft For Your Eyes Only zou ik deze hele pre-title er na bijna veertig jaar alsnog uitknippen. Het is veel logischer om na de gunbarrel te beginnen met het zinken van de St. George, de Engelsen die hierover worden ingelicht, de Russen die vervolgens in actie komen en tot slot de moord op de Havelocks. Deze laatste scène eindigt niet voor niets met een close-up van de ogen van de Bond-girl. Hier hadden de begintitels van For Your Eyes Only moeten beginnen.

Octopussy (1983)

A View to a Kill (1985) sluit het tijdperk Roger Moore af met een wat lauwe pre-title sequence in Siberië. Geen enorme stunt, wel een stuntman die met een snowboard over het water suist begeleid door een cover van de Beach Boys. Iets meer dan vijfenhalve minuut is lang zat.

Met de nieuwe Bond Timothy Dalton mag het allemaal weer wat langer duren. The Living Daylights (1987) heeft een prachtige pre-title sequence boordevol spanning en actie op Gibraltar van bijna zeven minuten. Licence to Kill (1989) gaat daar met de langste tot dan toe overheen met een dikke acht. Het is voor het eerst sinds The Man with the Golden Gun dat de belangrijkste schurk al gelijk aan het begin van de film te zien is.

The Living Daylights (1987)

Licence to Kill (1989)

Vanaf GoldenEye (1995) zit een bescheiden pre-title er voorlopig niet meer in. De halsbrekende dam-jump, de aanval op de wapenfabriek en voor de verandering een vrije val naar een vliegtuig toe, duren in totaal net geen tien minuten. De spanning is te snijden in de beginsequentie van Tomorrow Never Dies (1997) waarin Bond in krap negen minuten op het nippertje een nucleaire ramp weet te voorkomen. En dan de langste aller pre-title sequences: de bijna veertien minuten van The World Is Not Enough (1999).

GoldenEye (1995)

Ik vond hem lang in de bioscoop. Mijn medepubliek in City Amsterdam vond dat te horen aan de reacties ook; terwijl je eigenlijk al middenin de film zit, moeten de titels nog beginnen. Dit forse begin bestaat dan ook uit twee delen: de ontsnapping in Bilbao en de uitputtende bootachtervolging over de Thames. Het eerste deel zou volstaan, maar dan zou de kous met vier minuten af zijn en de sprong uit het kantoorraam de voornaamste stunt. Een beetje mager allemaal, dus moest de moord op Sir Robert King en de daaropvolgende bootachtervolging er wel bij. En daarmee is het allemaal net weer iets teveel van het goede.

The World Is Not Enough (1999)

The World Is Not Enough (1999)

Die Another Day (2002) kan er met bijna dertien minuten ook wat van. Het verhaaltje bewandelt bijna hetzelfde pad als Tomorrow Never Dies door Bond, dit keer met een hovercraft, de boel aan puin te laten schieten om vervolgens te ontsnappen.

Dan letterlijk terug bij af met Casino Royale (2006) die met iets meer dan drie minuten na From Russia with Love op de kortste pre-title sequence uitkomt. Geheel in zwart-wit doodt James Bond zijn eerste twee slachtoffers wat hem zijn 00-licentie oplevert. Ook Quantum of Solace (2008) houdt het kort(geknipt). Iets meer dan drieënhalve minuut is nodig om Bond zijn Aston Martin DBS aan puin te laten rijden. Deze hele beginsequentie is een en al achtervolging. Hier gaan de filmmakers wel erg kort door de bocht.

Quantum of Solace (2008)

Skyfall (2012) en Spectre (2015) zijn weer lekker op dreef met respectievelijk twaalvenhalve en twaalf minuten aan actie. Skyfall heeft de motorachtervolging over de daken van Istanboel en de daaropvolgende treinstunt eindigend met de doodsmak van Bond; Spectre opent met de fabelachtige ononderbroken vier minuten in Mexico-Stad met aansluitend het gevecht in de helikopter.

Skyfall (2012)

Spectre (2015)

No Time to Die gaat met de beloofde twintig minuten dik over alle voorgaande pre-title sequences heen. Of dat een pluspunt is, valt nog te bezien. Als het publiek na tien minuten begint te zuchten, kan Billie Eilish maar beter inzetten.

Alle voorgaande pre-titles bij elkaar opgeteld, komen we uit op een gemiddelde van zo’n zeven minuten, wat ongeveer gelijk staat aan die van The Spy Who Love Me, Octopussy en The Living Daylights. En laten dat nu toevallig drie bijzonder fijne pre-title sequences zijn…

De pre-title sequences van de James Bond-films van kort naar lang* (klik op de afbeelding voor een vergroting):


* Berekend vanaf het moment de gunbarrel compleet uit beeld is verdwenen tot het moment het eerste beeld van de title-sequence verschijnt. Bron: de blu-ray-edities van alle James Bond-films.

Geen opmerkingen:


© Bond Blog 2009 — 2020
Alle fotorechten voorbehouden aan Danjaq LLC. / Eon Productions, United Artists Co., MGM Studios, Columbia Pictures, 20th Century Fox Home Entertainment, Sony Pictures Inc., Universal Pictures