Films en seriesFilms en series

dinsdag 21 juni 2022

‘Dr. No’ donderdag nog in twee bioscopen

Jubilaris Dr. No is donderdag 23 juni nog te zien in twee bioscopen: Vue Nijmegen Walstraat (15:00 uur) en Vue Hilversum (17:50). Aanvankelijk stond de film alleen geprogrammeerd voor 18 en 20 juni.


Dit weekend was de eerste Bond-film te bewonderen bij bijna alle Nederlandse Vue-bioscopen. Ondanks dat het volgens de getuigenissen niet stormliep, was het voor de Bond-liefhebber een fijn weerzien en een unieke kans deze klassieker op het grote doek te aanschouwen.

Zie ook: De kleur rood domineert ‘Dr. No’ op het grote doek.

zondag 19 juni 2022

De kleur rood domineert ‘Dr. No’ op het grote doek

De eerste film die ik in 2022 keek, was jubilaris Dr. No. Gewoon thuis, zoals ik de film gewend ben. Weliswaar met een verbetering van heb ik jou daar ten opzichte van de eerste tv-vertoning in 1991, maar het was nog steeds een blu-ray’tje op een tv-scherm. Ik moet zeggen dat ik nooit eerder zo had genoten van deze eerste Bond-film dan dat moment. Dit weekend is die beleving van eerder dit jaar ruim overtroffen door de filmvertoning in Vue. De bioscoopketen brengt Dr. No alleen morgen nog op het grote scherm. Als je nog niet bent geweest: doe jezelf een plezier en gaat dat zien.

Hoewel de film verhaaltechnisch uiteraard nul verrassingen meer heeft, is het juist de herkenbaarheid die het plezier geeft. Ik keek enorm uit naar de titelsequentie van Maurice Binder. De gekleurde dots, hoe simpel ook, zijn een lust voor het oog. Bij de gunbarrel viel trouwens gelijk al op dat het rood van het scherm spat. Als de naam van cinematograaf Ted Moore groot in beeld verschijnt met rode stippen op de achtergrond en overschakelt naar Ken Adam, ligt een epileptische aanval op de loer.


Van de verwonding op Bonds knokkels nadat hij Mr. Jones een pak rammel heeft gegeven tot het onmiskenbare felgekleurde shirt van Quarrel — de kleur rood domineert de film: het petje van de eerste blinde muis, Sylvia’s jurk, de lederen deur en stoel in M’s office (zijn rode telefoon is hier nog groen), de bloemen op Crab Key, en ga zo maar door. Technicolor wordt hier flink uitgebuit.

Dat we hier (Vue Cinemas Purmerend) te maken hadden met een puike kopie, bleek al gelijk bij het logo van MGM; de versie die gebruikt wordt sinds Skyfall (2012), waar wordt uitgezoomd vanuit het oog van de leeuw. Een film van zestig jaar oud voor het oog van het filmpubliek van nu.


Geluidstechnisch blijft deze eerste Bond-film iets achter. Het monogeluid is jaren geleden al vervangen door een DTS-HD Master Audio 5.1. Dat zijn we inmiddels wel gewend. Dr. No heeft nog niet dat opzwepende geluid van latere Bond-films. Het bassniveau dat je doet meetrillen in je stoel kwam van Jurassic World in de zaal ernaast.

Het gemis van een film als Dr. No is John Barry. Naast de James Bond Theme heeft de toekomstige huiscomponist verder geen bijdrage geleverd aan de eerste film. Met Barry kwam de Bond-sound en daarmee het ultieme James Bond-gevoel. Daarvoor komen we bij de volgende films aan ons trekken, in overvloed.

Dr. No op het grote doek doet sterk verlangen naar meer. Een uniek moment voor eenieder, waaronder ikzelf, die Sean Connery als James Bond nooit eerder in de bioscoop zag.


Wat betreft de opkomst op een warme zaterdagmiddag: vier toeschouwers, waarvan twee liefhebbers en tweemaal aanhang uit medelijden. Dat is voor een bioscoop geen directe reden om From Russia with Love als volgende klassieker te programmeren. Volgend jaar, wanneer de tweede Bond-film zijn diamanten jubileum bereikt, is een mooie gelegenheid om het nog eens te proberen.

donderdag 16 juni 2022

Henry Cavill en de Aston Martin DB5

Dit lijkt een open sollicitatie naar de wereldberoemde rol: Henry Cavill in een commercial voor No1 Botanicals. Het gaat om water, niet om wodka.

 

Cavill (39) deed als piepjonge twintiger in 2005 auditie voor de rol van James Bond in Casino Royale. Uiteindelijk moest de toekomstige Superman in Daniel Craig zijn meerdere erkennen. Met Craig exit en Cavill op meer gevorderde leeftijd lijkt één plus één is nul-nul-zeven. Wel met één belangrijke kanttekening: zolang er geen nieuwe Bond-film op de rol staat, is er ook geen nieuwe 007 nodig.

Maar zeg nooit nooit. Pierce Brosnan was in 1986 ook heel dichtbij om Bondje te mogen spelen in The Living Daylights (1987). Dat duurde tot GoldenEye in 1995 alleen net iets minder lang.

woensdag 15 juni 2022

James Bond als Lego-figuur

Na zestig jaar verschijnt James Bond voor het eerst als Lego-figuurtje. Lego komt op 1 augustus met de Aston Martin DB5 inclusief minifiguur gebaseerd op de James Bond van Daniel Craig.



Vier jaar geleden kwam Lego al met een Aston Martin DB5 uit de Bond-films op de proppen. Die bouwset was bedoeld voor echte die hards. De nieuwe set, die tevens zes keer goedkoper is, is bedoeld als speelgoed.

Zo heeft deze laatste versie geen gadgets, waaraan de toverauto van James Bond zijn mythische status ontleent. Er is enkel een set met verwisselbare nummerplaten die in verschillende films voorbijkomen.

Over verdere James Bond Lego-sets is nog niets bekend.

De Aston Martin DB5 van Lego gaat € 24,99 kosten.

Met dank aan de Tweet van Corneel Vanfleteren.

vrijdag 3 juni 2022

Bond-auto’s in optocht voor koningin Elizabeth

update 5 juni 2022

Een stoet aan bekende James Bond-auto’s is zondag 5 juni te zien tijdens de optocht ter ere van het zeventigjarig troonjubileum van de Engelse koningin Elizabeth. Onder meer de Aston Martin DB5 uit Goldfinger (1964) en de Lotus Esprit uit The Spy Who Loved Me (1977) nemen deel aan de parade van 500 voertuigen.


De Aston Martin DB5 wordt bestuurd door special effectsman Chris Corbould; achter het stuur van de Rolls Royce van oud-Bond-producer Cubby Broccoli die werd gebruikt in A View to a Kill (1985) neemt second unit director en stuntman Vic Armstrong plaats; stunt-coördinator Gary Powell is tijdens de optocht te zien in de Jaguar XKR uit Die Another Day (2002).

Andere voertuigen uit de Bond-serie die deelnemen aan de parade: de Rolls Royce Phantom III uit Goldfinger, de Aston Martin V8 uit The Living Daylights (1987) en No Time to Die, de Aston Martin Vanquish uit Die Another Day, Moneypenny’s Land Rover Defender uit Skyfall (2012), de Aston Martin DB10 uit Spectre (2015), de Triumph Scrambler-motorfiets en een Land Rover uit No Time to Die (2021).

woensdag 1 juni 2022

Een alternatieve Bond-geschiedenis

Het is mooi om te zien hoe oud-Bond-regisseur John Glen op handen wordt gedragen. De 007-helmer is met vijf films achter zijn naam recordhouder onder de Bond-regisseurs. Daarnaast deed hij de montage en regisseerde hij de second unit van drie eerdere Bond-klassiekers. John Glen is de laatste der Mohikanen. Op 15 mei werd hij 90 jaar. En ja, hij leeft nog steeds!

John Glen (Licence to Kill, 1989)

Rond die datum stroomde het felicitaties en loftuitingen op social media: ‘de beste actieregisseur!’, ‘de man die de jaren 80 bepaalde!’, ‘Bond op z’n best!’, ‘man vol verhalen!’, ‘tijd voor een ridderorde!’. John Glen werd geëerd met de mooiste veren.

Ere wie ere toekomt. Glen is een geweldenaar. Vijf Bond-films op rij, een niet te evenaren prestatie. Dat gaat ook echt niemand hem ooit nog afpakken. Maar John Glen was ook gewoon een manager die de Bond-films uit de jaren 80 in goede banen leidde. Naast zijn ode aan Hitchcock door in ieder film zijn eigen trademark te verstoppen in de vorm van een beest dat plots krijsend door het beeld schiet, blinken zijn Bond-films niet uit in filmmagie. Met een beetje slechte wil kun je beweren dat het veredelde tv-films zijn.

Begonnen met On Her Majesty’s Secret Service (1969) als editor en second unit director, werkte hij in diezelfde functie mee aan The Spy Who Loved Me (1977) en Moonraker (1979), waarna hij door Cubby Broccoli werd gevraagd For Your Eyes Only (1981) te regisseren. Hij bleek, net als zijn voorgangers, de juiste man op de juiste plaats. Glen mocht aanblijven en perste er tot en met 1989 om het jaar een nieuwe film uit. Bij het 25-jarig Bond-jubileum zat 007 steviger in het zadel dan nu met zijn zestigste.

Timothy Dalton en John Glen (The Living Daylights, 1987)

Glen begreep de Bond-films als geen ander, en de weerslag van James Bond op het filmpubliek. Na de megalomane producties van eind jaren 70 waar onze held zich zelfs buiten de dampkring begeeft, moest het allemaal iets minder fantastisch en vooral minder kostbaar. De taak van John Glen om van de Bond-films met minder franje toch nog iets smeuïgs te maken.

Dat dat hem lukte, mag voornamelijk worden toegeschreven aan de stuntlieden en actie-experts, zoals Rémy Julienne, wiens team de meest halsbrekende capriolen uithaalde op alles met twee, drie, vier of, waar het een Kenworth-truck betrof, een veelvoud aan wielen. B.J. Worth en Jake Lombard idem dito voor alles wat zich mét of liever zónder propellers in de lucht afspeelde. Of Rick Sylvester die zijn leven tot tweemaal in de waagschaal stelde onder leiding van Glen. ‘Remember, you are James Bond.’ En gaan met die banaan.

Hiermee doe ik de aardige regisseur absoluut tekort. De jaren 80 waren voor niemand makkelijk. Daarom zijn de welgemeende accolades in het luchtledige zo aandoenlijk.

Glen behoort tot de laatste van een uitstervend ras. Van vóór hem is geen enkele Bond-regisseur meer in leven. Dat waren er, na bijna twintig jaar James Bond-films en elf rolprenten, trouwens maar vier in totaal: Terence Young (drie films), Guy Hamilton (vier), Lewis Gilbert (drie) en Peter Hunt (één). Young en Hunt zijn in middels op retour, Hamilton en Gilbert stierven enkele jaren geleden op respectievelijk 93- en 97-jarige leeftijd. Uit dit rijtje is Glen de enige die in zowel de jaren 60, 70 als 80 aan Bond heeft meegewerkt. Dat is op zichzelf al een museum waard.

Daags na de feestelijkheden van John Glen viel de eer te beurt aan Bond nummer vijf Pierce Brosnan. Ook al jarig. De erudiete Ier ziet er met zijn witte kuif nog immer Bond-waardig uit (als hij zijn buik tenminste inhoudt). Onder het mom van een felicitatie werd Brosnan de hemel in geprezen voor zijn 007-vertolking.

Pierce Brosnan als James Bond in GoldenEye (1995)

In het licht van het definitieve einde van Daniel Craigs Bond blijkt dat met weemoed wordt teruggekeken naar de Bond-films uit de jaren 90. Daar waar Bond nog echt Bond mocht zijn en Brosnan, net als Glen in zijn tijd, de juiste man op de juiste plaats was. Want wat je ook vindt van Brosnans interpretatie van de wereldberoemde spion, en de acteur is zelf allerminst tevreden over zijn vertolking, hij flikte het ’m wel om de geheim agent die op sterven na dood was naar een nieuw millennium te loodsen.

Als belichaming van Bond is Brosnan perfect. Hij is de enige Bond-vertolker na Sean Connery (mijn eerste) aan wie ik niet heb hoeven wennen. Zolang Brosnan zijn beknepen mond maar houdt. Zodra hij die opendoet, verdwijnt alle dreiging. Kan de man niks aan doen. Ze hadden alleen beter een oral-signature tape in zijn nek kunnen implanteren. Een voice box zou de rest van het werk doen. Den beste Bond den es je gab!

Binnen de Bond-canon behoren Glen en Brosnan tot de middelmaat. Maar man man man, hoe groot is de behoefte aan een middelmatige Bond-film? Een avontuur zonder pretenties onder regie van John Glen waarbij je precies weet wat je krijgt. Met Pierce Brosnan in de hoofdrol; geef die man een voice box cadeau. Gun beide heren minus 25 jaar — ik vermoed dat zelfs Craig-dweper Barbara Broccoli dan overstag gaat.

Pierce Brosnan en John Glen, augustus 1986

Het tijdperk John Glen, het tijdperk Pierce Brosnan; ze liggen een kwart tot half mensenleven achter ons. Het waren achteraf gezien heerlijke onbekommerde Bond-jaren. Die mannen wisten van aanpakken.

James Bond is het filmisch hoogtepunt uit hun leven, dat kan niet anders. Glen heeft na Bond weinig noemenswaardigs meer gemaakt. Zijn Columbus-film uit 1992 was een faliekante mislukking. Brosnan is sinds Bond een veelgevraagd acteur, maar om te zeggen dat hij erg succesvol is. Mamma Mia! deed het tot tweemaal lekker aan de kassa. Die credits moeten toch echt aan Björn en Bennie en niet aan Brosnan worden toegeschreven.

Laat de online felicitaties aan wie dan ook lekker uitbundig zijn. John Glen wás immers de beste Bond-regisseur in de periode 81-89; Pierce Brosnan de beste 007 tussen 95-02. Andy Glen, John Glens zoon, beloofde een paar dagen na 15 mei mijn gelukwens aan zijn vader over te brengen, want zolang het kan, vier ook ik dit jubileum zonder enige terughoudendheid mee. Glens glorieuze reputatie zal met zijn ouder worden en daar voorbij enkel toenemen. Hij behoort inmiddels tot het eregilde der Bond-legendes.

Zijn voorgangers hadden allen iets onbereikbaars; niet in de laatste plaats omdat ze dood zijn, maar ook voor die tijd. Die vonden het niet meer dan logisch een Bond-film te regisseren. Glen was hoogst verbaasd dat hij werd gevraagd. Voor hij het wist had hij zijn eerste film gemaakt, en omdat hij alles opmerkelijk netjes binnen de tijd en het budget had gehouden, mocht hij gelijk aan een tweede beginnen. Opnieuw deed John Glen wat van hem werd gevraagd en zo had hij met gemak tot No Time to Die kunnen doorgaan. Met één levensgroot verschil: hij was zonder morren om het jaar komen opdraven. Bond 30 was inmiddels in de pocket geweest en Pierce Brosnan wegens succes veel langer geprolongeerd. Met méér John Glen hadden we een compleet alternatieve Bond-geschiedenis gehad. Heerlijk middelmatig, ongecompliceerd, ononderbroken en puur Bond.

Deze column verschijnt ook bij James Bond Nederland.


© Bond Blog 2009 — 2021
Alle fotorechten voorbehouden aan Danjaq LLC. / Eon Productions, United Artists Co., MGM Studios, Columbia Pictures, 20th Century Fox Home Entertainment, Sony Pictures Inc., Universal Pictures