Happy 80th birthday Timothy Dalton!
zaterdag 21 maart 2026
donderdag 16 oktober 2025
Een gewaagde gok
Die insiders toch. Vertellen ze eerst dat Steven Knight al 142 pagina’s van de nieuwe Bond-film heeft gepend, om het daarna ‘de meest gewaagde gok’ sinds de benoeming van Daniel Craig als 007 te noemen. Want een script schrijven zonder te weten wie James Bond gaat spelen, is volgens die insiders onbegonnen werk.
Laten we het artikel van Celebrity Entertainment News maar met een korrel zout nemen. Het medium kan zich beter bezighouden met beroemdheden stalken en niet met verslaggeving rond het filmvak.
Als de we tijdlijn van de James Bond-films er eens bij pakken, waarom ook niet in dit geval, blijkt dat deze nieuw te maken film niet de enige is waarvan tijdens het schrijven de hoofdrolspeler nog niet bekend is. Zoals dat bij veel filmscripts het geval is. Van synopsis tot treatment en van filmscript tot shooting script zit nogal een ontwikkeling. En zelfs tijdens het filmen worden regelmatig scriptwijzigingen aangebracht.
Casino Royale (2006)
Schrijvers Neal Purvis en Robert Wade beginnen in januari 2004 met een eerste versie van het script van Casino Royale, dat uiteindelijk wordt afgerond in juli 2004. Van een nieuwe James Bond is op dat moment nog geen sprake, Pierce Brosnan wordt tijdens dit schrijfproces pas bedankt voor zijn bewezen diensten. Het is duidelijk dat hij niet past in de nieuwe weg die de filmmakers willen inslaan Als de eerste versie van het script klaar is in juli 2004, is er geen James Bond.
In februari 2005 verbindt Martin Campbell zich als regisseur aan het filmproject, het is zijn tweede Bond-film na GoldenEye (1995). In het voorjaar van 2005 duikt de naam van Daniel Craig op in het geruchtencircuit. Maanden later, op 29 september 2005, doet Craig auditie voor de rol. Kort daarop krijgt hij een telefoontje dat hij zich inderdaad officieel Bond nummer zes mag noemen. Het nieuws wordt uiteindelijk wereldkundig gemaakt op 14 oktober 2005; deze week precies twintig jaar geleden. Eind januari beginnen de camera’s voor Casino Royale te draaien. Dat is twee jaar nadat Purvis en Wade aan hun eerste versie begonnen en vier maanden na de screentest van Daniel Craig.
GoldenEye (1995)
Deze film kent een groot aantal herschrijvingen. Michael France levert zijn eerste versie in op 11 maart 1994. Timothy Dalton heeft de rol van 007 op dat moment nog geen vaarwel gezegd. Dat doet hij een maand later op 12 april. Een krappe twee maanden later, op 8 juni 1994, wordt Pierce Brosnan aangekondigd als James Bond nummer vijf. Brosnan stond jaren daarvoor al eerder in de startblokken om aan de rol van zijn leven te beginnen. Het lot besliste echter anders, en het wachten was het waard voor de Ierse acteur.
Na de benoeming van Brosnan wordt het script van France geheel herschreven door onder meer Jeffrey Caine en daarna door Bruce Feirstein, die zich op dat moment helemaal op de nieuwe Bond-acteur kunnen richten.
The Living Daylights (1987)
In
een tijd dat de Bond-films nog met de regelmaat van één pauzejaar
verschijnen, beginnen scenarioschrijvers Richard Maibaum en Michael G.
Wilson eind oktober 1985 met een eerste treatment van ‘Bond 15’. A View to a Kill
was vijf maanden eerder uitgekomen. Het is wel duidelijk dat die film
Roger Moores laatste wapenfeit als 007 is (hoewel de deur nog op een
kleine kier staat). De eerste versie van het script daarentegen,
verhaalt over de jongere jaren van James Bond bij de marine. Een idee
dat door producent Broccoli wordt afgewezen.Begin december 1985 kondigt Roger Moore zijn definitieve vertrek aan als, op dat moment, langstzittende James Bond. In een derde en vierde treatment diezelfde maand krijgt het filmverhaal steeds meer vorm en bij die laatste is inmiddels gekozen om Ian Flemings korte verhaal The Living Daylights als uitgangspunt en als volgende titel te gebruiken. Er is op dat moment nog geen acteur voor de rol van 007 gekozen.
Vanaf januari 1986 begint het castingproces, als op 12 mei van dat jaar Pierce Brosnan een glorieuze screentest aflegt. Cubby Broccoli is overtuigd en Brosnan wordt een contract aangeboden om als James Bond nummer vier aan te treden. Echter gooit de productie van de Amerikaanse tv-serie Remington Steele waar Brosnan de hoofdrol vertolkt roet in het eten. De acteur is contractueel verplicht om nog één laatste seizoen te maken.
In allerijl wordt gezocht naar een vervanger die eind juli wordt gevonden in Timothy Dalton. Een acteur die producent Broccoli al jaren op het oog heeft, maar eerder aangaf dat de rol hem intimideerde. Deze keer hapt Dalton toe en op 8 augustus 1986 wordt hij officieel aangekondigd als James Bond nummer vier. Eind september beginnen voor Dalton de eerste filmopnamen.
Live and Let Die (1973)
Voor Live and Let Die was de hoop gevestigd op de terugkeer van Sean Connery. Maar Connery houdt voet bij stuk; Diamonds Are Forever is echt zijn laatste Bond-film geweest.
Schrijver Tom Mankiewicz levert in het voorjaar van 1972 zijn eerste versie van het script van Live and Let Die in. Ook hij doet nog een poging om Connery over te halen, maar tevergeefs. Producenten Saltzman en Broccoli moeten echt op zoek naar een nieuwe 007 en komen uit bij Roger Moore. Die deal is snel beklonken en op 1 augustus 1972 maakt James Bond nummer drie zich bekend. Met het uiteindelijke shooting script van Mankiewicz van oktober gaat regisseur Guy Hamilton nog diezelfde maand van start.
On Her Majesty’s Secret Service (1969)
Deze productie stond al langer op de rol. In juni 1964 heeft schrijver Richard Maibaum een eerste treatment af; Goldfinger moet op dat moment nog uitkomen. Met de haast waarmee de films in die tijd werden gemaakt, was het zaak er vroeg bij te zijn. OHMSS wordt echter op de lange baan geschoven en Thunderball krijgt voorrang. Als Thunderball in december 1965 zijn première beleeft, heeft Maibaum het project OHMSS weer opgepakt. Eind maart 1966 levert hij zijn script van die film in, dat verhaaltechnisch direct volgt op Thunderball.
Ook deze keer gaat het niet door; You Only Live Twice wordt verkozen als vervangende productie. Richard Maibaum is niet betrokken bij die film. In 1967 levert Maibaum nog een aantal versies van On Her Majesty’s Secret Service af om uiteindelijk in 1968 met een shooting script te komen. Niet lang daarvoor, in juni, juli en augustus van dat jaar, wordt George Lazenby uitgebreid getest als mogelijk nieuwe James Bond. Na het stuntgevecht met stuntleider George Leech en worstelaar Yuri Borienko, komt de onervaren Lazenby uit de bus als James Bond nummer twee. Zijn officiële aankondiging volgt begin oktober 1968 en niet veel later die maand beginnen de camera’s al te draaien.
Dr. No (1962)
De eerste James Bond-film Dr. No heeft wat dat betreft een andere aanloop. Het treatment voor die film is amper klaar in september 1961 of Sean Connery wordt een maand later al gepresenteerd als James Bond. Een compleet script laat op dat moment nog op zich wachten. Pas in januari 1962 is een final shootingscript gereed. Een week later draaien de camera’s al op Jamaica met de aankomst van James Bond op het vliegveld.
Dus... om te stellen dat de nieuwe Bond-productie een gok neemt door nú al aan een filmscript te beginnen, is pure onzin. Het is juist prettig dat Steven Knight bijtijds aan het verhaal kan gaan schaven. Het uiteindelijke script dat verfilmd gaat worden, zal hoe dan ook de nodige aanpassingen krijgen. Wie dan ook straks de tuxedo aantrekt en de Walther oppakt, vormt naar aanleiding van het script en de regie-aanwijzingen vanzelf zíjn Bond.
Ik zag trouwens nog een betrekkelijke nieuweling in Steven Knights nieuwe serie House of Guinness op Netflix. Een jongen die we mijns inziens in de gaten moeten houden: Louis Partridge. Als ze dan tóch naar een relatief onbekende Engelsman zoeken...
donderdag 15 mei 2025
Joe Don Baker (89) overleden
Op 89-jarige leeftijd is de Amerikaanse acteur Joe Don Baker overleden, meldt 007.com op social media. Baker speelde in de Bond-films zowel de rol van schurk als die van 007’s bondgenoot.
Joe Dan Baker was een veelgevraagd bijrolacteur voor film en tv-series. Zijn doorbraak kwam echter met een hoofdrol in de film Walking Tall (1973), waarin ook de onlangs overleden Bruce Glover speelde.
Andere bekende producties waarin hij te zien was: Cool Hand Luke (1967), de tv-serie Edge of Darkness (1985) van Bond-regisseur Martin Campbell, Cape Fear (1991) van Martin Scorsese, met Pierce Brosnan in Mars Attacks! (1996) en zijn laatste film Mud (2012).
In The Living Daylights (1987) werd hij gecast als wapenhandelaar Brad Whitaker, die het samen met Jeroen Krabbés generaal Koskov opneemt tegen Timothy Dalton als James Bond. Na één film afwezigheid, werd hij teruggevraagd voor de eerste twee Bond-films met Pierce Brosnan: GoldenEye (1995) en Tomorrow Never Dies (1997). Daarin speelde hij CIA-agent Jack Wade. Na zijn tweede korte verschijning, werd niets meer van Wade vernomen. Wel verdiende Joe Don Baker met al zijn drie optredens een vermelding op de filmposters.
„Goh, wat ’n naar bericht! Een buitengewoon aardige collegiale acteur. Ik had, zoals je weet, meerdere scènes met hem, die er — als ik me goed herinner — in een of twee takes op stonden... Sweet memories!”
Joe Don Baker was getrouwd en bleef zijn leven lang kinderloos. Hij overleed op woensdag 7 mei.
zaterdag 8 februari 2025
Unieke screentests mogelijke Bond-acteurs gevonden
Een unieke vondst, de screentests van verschillende (inmiddels bekende) acteurs die twintig jaar geleden de rol van James Bond probeerden te bemachtigen. Volgens Ron South, de beheerder van de Youtube-pagina waar de clipjes vandaan komen, afkomstig van een VHS-band gevonden in een vuilniscontainer van een filmstudio...
Zie hieronder de screentests van Henry Cavill, Sam Wothington, Rupert Friend en Anthony Starr:
De naam van Cavill (41) gaat nog steeds op als mogelijke opvolger van Daniel Craig. Craig, de acteur naar wie de rol uiteindelijk ging en het het langst volhield van alle eerdere James Bonds.
Naast de rol van James Bond greep Cavill ook mis bij Batman en in eerste instantie bij Superman. Deze laatste rol wist hij uiteindelijk toch te krijgen.
Het kan vreemd lopen in een carrière. Zo werd Pierce Brosnan in 1986 voor de eerste keer gecast als James Bond in The Living Daylights, Brosnan was destijds 33 jaar. Dat kon wegens andere contractuele verplichtingen op het laatste moment niet doorgaan.
![]() |
| Pierce Brosnan met regisseur John Glen tijdens testopnamen in augustus 1986 |
Toen Timothy Dalton de rol overnam en na twee films en een hoop gedoe tussen MGM en Eon Productions te kennen gaf geen derde film te willen maken, werd Brosnan (41 op dat moment) voor de tweede keer gecast. Met dat in het achterhoofd is het voor Henry Cavill nog steeds niet te laat...
vrijdag 3 januari 2025
Antony Carrick uit ‘The Living Daylights’ overleden
De Engelse karakteracteur Antony Carrick is op 92-jarige leeftijd overleden. Carrick overleed in november 2024, aldus zijn dochter Joanna Carrick op Twitter. Het overlijden van de acteur werd echter pas deze week breder bekend. Antony Carrick was te zien in een bijrol in The Living Daylights (1987).
Antony Carrick was vanaf eind jaren 50 tot 2010 in tal van Engelse tv-series en enkele films te zien, daarnaast stond hij zijn gehele acteercarrière op het podium.
zaterdag 16 november 2024
Eerbetoon aan jarige Jeroen Krabbé
Jeroen Krabbé wordt op 5 december tachtig jaar en daar staat de AVROTROS bij stil met het programma Ik bèn niet oud, Jeroen Krabbé 80 jaar. Wilfried de Jong ging voor het programma in gesprek met de acteur en kunstenaar.
![]() |
| Op de set van The Living Daylights (1987) |
De Jong probeert te achterhalen wat er schuilgaat achter Krabbé. „Door onze ontmoeting heb ik een andere Jeroen Krabbé ontdekt”, zegt De Jong. „Welke dat is, verklap ik niet. Dat mag de kijker zelf ontdekken.”
Krabbé acteerde niet alleen in Nederlandse films zoals De vierde man (1983) en Soldaat van Oranje (1977), maar ook in de Verenigde Staten brak hij door. Daar speelde hij onder meer naast Whoopi Goldberg in Jumpin’ Jack Flash (1986) en vertolkte hij de rol van schurk in de James Bond-film The Living Daylights (1987).
De beschermheer van Bond Blog maakte in de loop der jaren ook naam als kunstenaar en kunstkenner. Zo presenteerde hij onder meer programma’s over Van Gogh en Picasso.
Ik bèn niet oud, Jeroen Krabbé 80 jaar is op woensdag 4 december om 22.15 uur te zien op NPO 2.
Eerder deze week was Krabbé al eregast bij Eva Jinek:
Bron: NU.nl
donderdag 14 maart 2024
Stuntrijder Michel Julienne (67) overleden
Stuntrijder Michel Julienne is op 11 maart overleden. Julienne werkte mee aan drie James Bond-films uit de jaren 80. De autostunts voor die films werden gecoördineerd door Michel Juliennes vader, de legendarische Franse stuntcoureur Rémy Julienne. Michel Julienne is 67 jaar geworden.
Vanaf For Your Eyes Only (1981) huurde de James Bond-filmmakers het stuntteam van Rémy Julienne in. Het werd een gelukkig huwelijk: Rémy Julienne heeft uiteindelijk aan zes aaneengesloten Bond-films meegewerkt. Daarvoor nam hij onder meer zijn zoons Michel en Dominique mee, die hem in de voetsporen waren gevolgd.
Michel Julienne werkte mee aan drie van die zes films. In For Your Eyes Only is Julienne te zien in een aantal close ups van de bestuurder van een zwarte Peugeot 504 die de achtervolging in zet op Bond en Melina. In A View to a Kill (1985) voert hij de sprong uit met blauwe taxi, een Renault 11, die niet veel later onthoofd en in tweeën wordt gedeeld. Als laatste is Michel Julienne te zien in de auto op Gibraltar, waar hij in The Living Daylights (1987) als gezinsvader getuige is van de ravage die James Bond aanricht bovenop een op hol geslagen Land Rover.
Michel Julienne laat zoon David (1978) achter die net als vader, oom en opa ook stuntrijder is geworden. Rémy Julienne overleed drie jaar geleden op 90-jarige leeftijd.
maandag 12 februari 2024
Cameraman Alec Mills (91) overleden
update 13 februari 2024
James Bond-cameraman Alec Mills is vandaag overleden, meldt From Sweden with Love. Mills werkte tussen 1969 en 1989 mee aan zeven James Bond-films. Voor de twee Timothy Dalton-films The Living Daylights (1987) en Licence to Kill (1989) was hij director of photography.
Als cameraman was Alec Mills eerder betrokken bij de Bond-films On Her Majesty’s Secret Service (1969), The Spy Who Loved Me (1977), Moonraker (1979), For Your Eyes Only (1981) en Octopussy (1983).
„Wat een triest nieuws. Ik vond Alec een ontzettend aardige man, een zeer professionele stille, rustige werker. Iemand waarbij je je zeker voelde, iemand die je vertrouwen gaf. Ik was erg op hem gesteld. May he rest in peace.”
„Saddened to hear of the passing of Alec Mills - he was amazing to work with on License to Kill !!! Condolences to Family and Friend - RIP Alec”
vrijdag 1 september 2023
De eerste de beste
Bij gebrek aan officieel nieuws over het nog steeds niet aangekondigde Bond 26, blijft er niets anders over dan speculeren. Ik ga hier geen rollen verdelen of mogelijke plottwisten verklappen, ik wil het hebben over het maken van een goede eerste Bond-film. Eerste Bond-films zijn namelijk altijd goed.
![]() |
| Casino Royale (2006) |
We tellen tot nu toe zes ‘eerste Bond-films’. Eerste Bond-films zijn de films waarmee een Bond-acteur aftrapte. Van Dr. No met Sean Connery tot en met Casino Royale met Daniel Craig viel een eerste Bond-film nooit tegen.
![]() |
| Dr. No (1962) |
![]() |
| On Her Majesty’s Secret Service (1969) |
Een regisseur is dan ook van wereldbelang om een eerste Bond op de rails te krijgen. Voor Live and Let Die, het James Bond-debuut van Roger Moore, werd een ervaren Bond-regisseur ingezet om de nieuwe 007 te introduceren: Guy Hamilton. Hamilton tapte uit het zelfde vaatje als de film daarvoor, maar wist met Moore een fris windje aan de inmiddels tien jaar oude franchise mee te geven. De nieuwe Bond moest in alles net iets anders zijn dan zijn voorganger, en daarmee lukte het deze 007 een geheel eigen flair aan het filmpersonage mee te geven. Roger Moore hield het uiteindelijk twaalf jaar en zeven films vol. Chapeau.
![]() |
| Live and Let Die (1973) |
![]() |
| The Living Daylights (1987) |
Het werd halverwege de jaren 80 hoog tijd voor een nieuwe impuls. Geheel over een andere boeg met de verbeten kaken van Timothy Dalton, mocht oudgediende John Glen zijn vierde Bond-film inblikken. Ook The Living Daylights is een debuutfilm om trots op te zijn. Deze Bond had ons toch zeker tot 1993 genoeg te vertellen.
Dat het anders liep, valt tot vandaag de dag te betreuren. Wat wel weer positief uitpakte was het vervolg dat halverwege jaren 90 werd ingezet. GoldenEye van een verse Martin Campbell met een sinds lange tijd klaargestoomde Pierce Brosnan bleek een gouden combinatie. Het lukte deze Bond de eerder doodverklaarde franchise het nieuwe millennium in te loodsen. Toch bleef zijn eersteling zijn beste en liep het vanaf daar rechtstreeks een IJslandse afvoerput in.
![]() |
| GoldenEye (1995) |
Casino Royale sloeg in als een bom en de in de media verguisde bokser Daniel Craig wist de harten van een groot deel van het publiek te veroveren. Het was Martin Campbell opnieuw gelukt, maar nog belangrijker Barbara Broccoli, die voor het eerst in haar loopbaan te maken kreeg met een nieuwe posterboy en tegen alle wetten in goed had gegokt. Hier kon ze nog jaren mee voort.
En zo geschiedde. Craig bleef inderdaad nog beter kleven dan Roger Moore; het aantal films daarentegen liet te wensen over. Iets met kwantiteit en kwaliteit, zo je wilt.
Belanden we na deze hapsnapgeschiedenisles in het heden, waar opnieuw moet worden bekeken welke richting de spion op moet gaan. De hoeveelheid voorgangers met allemaal hun eigen kwaliteiten, maakt het natuurlijk steeds ingewikkelder om nog iets nieuws aan de rol toe te voegen. Vandaar dit gratis advies:
Stel je voor dat je een debuutfilm als Casino Royale moet overklassen, dat moet niet het doel zijn. Je focus moet liggen op het maken van een goede film.
Zorg voor een uitmuntende stunt waar je in de aanloop lekker mee kunt pochen. Zie de laatste Mission: Impossible. Hoe vaak hebben we Tom Cruise op zijn brommer niet van een klif af zien zeilen? Het maakt daarbij niet eens uit dat Pierce Brosnan dit ruim 25 jaar daarvoor ook al had gedaan als James Bond. Nee hoor, Tom Cruise leent een handvol elementen uit de Bond-films en doet dat niet eens stiekem. Zelfs gehandboeid een achtervolging inzetten in een even zo geel kutautootje als een andere James Bond meer dan veertig jaar geleden. Het kan allemaal.
Waar is de tijd gebleven dat Michael G. Wilson in een vliegtuig
een magazine las? Hoe hij daar een skiër van een berg af zag sjezen, hij Rick Sylvester contacteerde
en er een verhaaltje omheen verzon. Voilà, een hoogtepunt aan
het rijke Bond-oeuvre toegevoegd. Dus geef die man een leesmap mee en wat airmiles
cadeau, heeft-ie tenminste ook weer wat te doen.
James Bond mag met regisseurs als Sam Mendes en Marc Forster best een beetje chic proberen te doen, arthouse wordt het nooit. Mendes had het twee keer goed in de vingers. Zeker met het uitzonderlijk kwalitatieve Skyfall. Maar ook met Spectre, dat ik recentelijk met veel genoegen nog eens heb teruggezien. Een film die de laatste jaren in aanzien is gestegen, want de luchtigheid en coolness die Mendes daar aan het personage James Bond teruggeeft, werd node gemist (en was Bond in de film daarop ook weer verleerd).
Die relaxte, speelse houding, is wat ik graag terugzie. Het plezier in het maken, het plezier in het spelen. Bond hoeft geen prijzen te winnen, Bond moet films afleveren. Laat eigenzinnige regisseurs als Christopher Nolan en Denis Villeneuve lekker hun eigen ingewikkelde ding doen. Nolan heeft aangegeven dat Barbara Broccoli bij hem kan aankloppen als ze hem nodig heeft. Bedankt voor het aanbod, maar we hebben je niet nodig. Zitten we straks opgescheept met een James Bond die verdwaald raakt in een wormhole en daar drie films later pas uitkomt. Nee bedankt. Geef ons maar weer eens plat Bond-vermaak. Met een gunbarrel, een gave stunt, een dikke kar, een lekkere stoeipoes en een lelijke boef. En een vette soundtrack van David Arnold niet te vergeten.
Om te zien hoe het ook alweer moet, vertoont Martin Koolhoven vanaf 7 september een reeks klassieke Bond-films in de vaderlandse bioscopen. Niet om te imponeren, maar om te inspireren. Inclusief de eerste Bond-films Dr. No, On Her Majesty’s Secret Service, Live and Let Die, The Living Daylights en GoldenEye. Bond op het grote doek: gaat dat zien!
Deze column verschijnt ook bij James Bond Nederland.
zaterdag 1 juli 2023
Steenwijk
Of hij er al aan had gedacht om Jeroen Krabbé te vragen. Aardige man, maar nee, niet aan gedacht. Bovendien, gaat Martin Koolhoven verder: „We rijden wel terug, we rijden alleen niet heen. We zijn daar al in de buurt.” Geen probleem, geef ik aan, ik wel hem best ophalen. „Meen je dat?” In dat geval: „Check eerst of hij überhaupt wel kan.”
De laatste maanden heb ik regelmatig contact met Martin Koolhoven. De regisseur gaat vanaf september de Nederlandse bioscopen langs met James Bond-colleges. En als dat net zo leuk wordt als het voorproefje dat hij in april gaf met Goldfinger, wordt dat smullen. Een uur, anderhalf uur lullen over Bond, in interactie met het publiek en na een korte pauze de hoofdfilm; een Bond-klassieker. Waarna je Koolhoven na afloop ook nog aan de bioscoopbar kunt treffen om verder te kletsen. Want hij blijft er de hele voorstelling bijzitten om zo nu en dan door de film heen te roepen.
Op deze manier brengt het programma Koolhovens Keuze elf Bond-films eenmalig terug in de bioscoop. Bond blijft toch een cinema-ervaring, hoe vaak je de film thuis al hebt gezien. De mogelijkheid om je favoriete Bond-films op het witte doek te aanschouwen, is een must voor de liefhebber.
Onlangs vertoonde Koolhoven de film Karakter in bijzijn van hoofdrolspeler Fedja van Huêt; in september is filmproducent Dave Schram aanwezig bij het Vlaamse epos Daens. Zodoende dacht ik: dan mag Jeroen Krabbé niet ontbreken als Martin Koolhoven The Living Daylights vertoont.
Jeroen Krabbé is mijn held. Dat was hij al voordat ik hem in 2012 ontmoette. Iedereen die aan een James Bond-film heeft meegewerkt is een held, maar als Nederlander net iets meer. Het is niet veel Nederlanders gegeven in een Bond-film op te treden. We tellen er in totaal vier met een rol, twee daarvan een significante, en één daarvan als belangrijkste tegenstander, die dus samen met de Bond-acteur en diens verovering de pers te woord mag staan. Joe Don Baker was op die persbijeenkomsten nergens te bekennen (dit voor degenen die Brad Whitaker als hoofdboef van de film denken te zien).
In 2012 werkte ik als regisseur en redacteur aan een aantal radioprogramma’s van de NTR. Dat jaar markeerde 50 jaar James Bond en 25 jaar The Living Daylights, dus ja, ik moest maar eens een belletje naar Amsterdam plegen. Een belletje waar ik best tegenop zag, omdat ik zomaar oor aan oor met mijn held kon komen te staan.
Omdat ik vreesde te gaan hakkelen aan de telefoon, leek dit mij de beste oplossing: enkele dagen in de vooravond moest ik voor een ander programma in de AKN-studio zijn. Vanaf het NTR-paviljoen op het mediapark, met de auto het kippeneindje naar de AKN (omdat ik daarna altijd meteen naar huis ging), de parkeergarage in, trap op langs de receptie en gelijk door naar de redactieruimte waar ik de juiste muzieknummers en bumpers in het Avid-systeem moest slepen. Ik kwam daar toch altijd enigszins gehaast aan. Mooi. Dat leek mij de beste dekmantel om gelijk even te bellen.
En zo belde ik al hijgend naar het vaste nummer in Amsterdam en na een aantal keren overgaan werd de telefoon opgenomen. Geen naam, alleen een vriendelijk ‘Hallo’. Dat was hem. General Koskov in hoogst eigen persoon, zomaar op een dinsdagavond. Of ik hem even mocht storen. Dat mocht.
Na een kort gesprek had ik het e-mailadres van mijn held ontfutseld. „Waar slaat dat op?”, vroeg ik oprecht toen ik het noteerde. „Dat leg ik nog wel een keer uit”, was zijn respons. Ik zou hem een aantal beschikbare data toesturen en hij zou kijken of daar een geschikte tussen zat. Het hele gesprek had niet veel langer dan een paar minuten geduurd, maar ik had beet, ik had gewoon met mijn held gesproken! Ik glom van trots.
Mijn uitnodiging per e-mail volgde de dag erna. Daar moest ik echt even voor gaan zitten, ik moest immers tactisch te werk gaan. Natuurlijk mocht, nee móest hij weten van mijn jarenlange Bond-liefde en van mijn Bond Blog. De mail moest ook zakelijk zijn, want hij moest weten niet met een geobsedeerde fan te maken te hebben. Van mij hoefde hij niets anders te vrezen dan waardering.
En toen. Toen hoorde ik niets…
Zo stom, ik had natuurlijk een verkeerd e-mailadres genoteerd. Het klonk al zo vreemd. Dan moest ik hem na het weekend nogmaals schoorvoetend opbellen dat ik het fout had opgeschreven. Wat was ik toch een amateur.
Op zondagavond checkte ik nogmaals mijn werkmail. Ik durfde bijna niet te hopen. Stond daar toch zijn naam! Een alleraardigste reactie met een datum waarop hij kon komen. Hij zou mijn website eens bekijken.
Op de dag van de opname stierf ik van de zenuwen. Zo dadelijk zou ik mijn held ontmoeten. Je weet wat ze zeggen over het ontmoeten van helden: niet doen! Een telefoontje van de receptie: onze gast zat te wachten. Ik naar het Net 3-gebouw om hem op te halen.
Daar zat hij rustig op een bankje. Colbertje aan, wit overhemd. Een grote leren tas naast zich. De tas met plakboeken, daar had ik om gevraagd. Een glimlach, een stevige handdruk. Wat voor mij blijkbaar heel belangrijk was, is of hem mocht tutoyeren. Het was het eerste wat ik hem vroeg. Geen probleem!
Jeroen en ik liepen over het dak naar het paviljoen, waar we staande werden gehouden door Lex Uiting. Hij had een vraag over seks. Mijn held gaf mij vleugels; ik reageerde opmerkelijk ad rem, daar had de Limburger niet van terug. Ik probeerde te lopen zoals ik met iedere bekende Nederlander naar het paviljoen liep. Maar al die anderen, al waren zij Hans van Breukelen, Jan Zwartkruis, IJf Blokker, Penney de Jager, Jan Terlouw, Sjaak Swart of Reinier Paping, zij waren geen van allen Jeroen Krabbé.
Voor de opnamen verlekkerde ik mij aan zijn plakboeken. Zes stuks vol met unieke foto’s van de Bond-set. Jeroen zag mijn enthousiasme. Als hij er niet meer zou zijn, zouden de plakboeken mijn kant op gaan. Maar blijf alsjeblieft nog heel lang bij ons, ik heb je pas één keer ontmoet!
Het radiogesprek waarvoor hij was gekomen, liep als een zonnetje. Jeroen was welbespraakt, voelde zich zichtbaar op zijn gemak. Na de opname een fotosessie, een handtekening en de grootste troef: hij mocht beschermheer van mijn Bond Blog worden. Nou, dat wilde hij wel. Dat was hem nog nooit aangeboden!
Na een warm afscheid zie ik hem nog zwaaien vanaf de achterbank van de taxi. Wat een avontuur. Ik was in de wolken. Maar toen moest het mooiste nog komen. Nog geen uur later: pling! Een mailtje. Of Jeroen mijn thuisadres mocht hebben, hij had iets voor me. Ik had hem desnoods mijn pincode toevertrouwd!
De volgende dag: een dreun op de deurmat. Een vuistdikke enveloppe. In mijn handen hield ik het officiële script dat Jeroen Krabbé had gebruikt op de set van The Living Daylights… On-ge-loof-lijk. Een relikwie. Vijfentwintig jaar lang had het boekwerk dode huidcellen verzameld in het huis van mijn held, en nu, zomaar, was het in mijn bezit. Mijn heilige graal! Er zat een briefje bij: ‘Beste Jasper, dit is voor jou omdat je zo’n Bond-allesweter bent! Ik ontdekte nu dat er op het titelblad staat: ‘this screenplay must be returned to the production office at the end of your involvement with the film’! Nooit geweten… Dus wees er maar zuinig op! Dag, Jeroen’
Sinds die tijd hebben we regelmatig contact, zwaaien we naar elkaar in het Vondelpark, houden we logeerpartijen, vieren we vakanties in Zuid-Frankrijk en krijg ik fanmail van hem als hij mij ergens heeft horen praten: ‘Wat leuk om je te horen op de radio met je ‘Heilige Graal’! Het is bij jou in goede handen!’
Met die man zou ik graag twee uur heen en terug in de auto naar Steenwijk zitten om hem bij Martin Koolhoven af te leveren. Wat een show moet dat worden. Een echte Hollywoodster in Overijssel! Alleen maar bewonderaars. Leuk uitje ook voor een acteur van bijna tachtig. Wat doe je anders op een zaterdagavond in september? Maar dan moet je net Jeroen Krabbé als held hebben… Hij heeft het te druk! ‘Mijn beste Jasper, een Bond-tournee! Goed idee, maar helaas kan ik niet (ben zó druk bezig met m’n nieuwe schilder-programma!) Maar neem vooral het script mee, ze zullen jaloers op je zijn!’
Het was het proberen waard en wie weet, als het straks september is, en die zaterdagavond nadert, dat hij toch zin heeft in een ritje naar Steenwijk. Ik zal, net als James Bond met zijn Walther, mijn autosleutel onder het kussen in de aanslag houden. Klaar om de motor te starten.
Maar waar dat e-mailadres van Jeroen Krabbé op slaat? Ik heb nog steeds geen flauw idee…
Deze column verschijnt ook bij James Bond Nederland.
vrijdag 23 juni 2023
Krabbé maakt achtluik voor tachtigste verjaardag
Bond-boef en beschermheer van Bond Blog Jeroen Krabbé (78) is bezig aan een bijzonder project ter gelegenheid van zijn tachtigste verjaardag, die hij in 2024 hoopt te vieren. De acteur en schilder gaat zijn eigen leven in acht schilderijen vereeuwigen.

Jeroen Krabbé met The Golden Gate Bridge uit A View to a Kill
„Fucking tachtig is een moment, met name het getal, al heb ik er niet veel mee”, vertelde Krabbé donderdag in gesprek met Femke van der Laan op NPO Radio 1. „Maar je kijkt wel terug op zo’n moment: hoe is je leven gegaan? Ik ben acht schilderijen aan het maken waarin ik elk decennium verbeeld.”
Hij is al een heel eind op weg met de bijzondere reeks doeken. „Soms zie je letterlijk wat ik heb meegemaakt, soms zijn het symbolen die ik heb geschilderd.”
In de jaren tachtig maakte Krabbé 32 films in tien jaar. „Op dat doek heb ik mijzelf geschilderd in mijn rol in James Bond, omdat dat zo’n belangrijk iets was.” De acteur speelde in 1987 de Russische dubbelspion Koskov in de Bond-film The Living Daylights.

Krabbé in de rol van zijn leven, die van General Koskov in The Living Daylights (1987)
De Nederlandse kunstenaar raakte geïnspireerd door de televisieserie over Frida Kahlo die hij heeft gemaakt. „Die heeft ook haar hele eigen leven geschilderd: haar pijn, haar ellende, haar schulden, haar minnaars. Ik had zelf zelden autobiografische werken gemaakt, maar dacht nu: laat ik het eens proberen. En het eerste schilderij ging goed. Daar zitten twee oude kindertekeningen van mij in.”
Krabbé zei in het programma overigens niet wat hij met de doeken gaat doen. De acteur en schilder wordt als alles goed gaat op 5 december 2024 tachtig. „Het laatste doek mag ik van mijzelf nog niet afmaken dit jaar, daar moet ik echt mee wachten tot het daadwerkelijk 2024 is.”
Luister hier het gesprek met Jeroen Krabbé in Nooit meer slapen terug.
Bron: NU.nl
zaterdag 12 november 2022
Kijktips
Even een inhaalrondje op documentairegebied. Naast The Sound of 007 als schraal alternatief voor een jubileumfilm, zijn daar een uur Sean Connery, een uur Judi Dench en meer dan anderhalf uur a-ha. Alleen de documentaire over Joseph Caroff van HBO heb ik nog niet kunnen zien.
Allemaal aanraders. Vooral de film over a-ha is een traktatie. Ik moet bekennen dat ik een liefhebber ben van de Noorse popgroep. Als kind heb ik hun muziek veel voorbij horen komen op de radio. Dat daar in 1987 een Bond-song bij kwam, had ik op dat moment nog niet eens door. Het album Headlines and Deadlines heb ik stukgedraaid. Deze best of-songs komen gefaseerd allemaal terug in de documentaire. Neem daarbij de speelse montage in Take On Me-stijl en de feel en look is compleet.
Het hoofdstuk The Living Daylights is maar kort (vanaf 58:00) en spitst zich vooral toe op de slechte relatie tussen maestro John Barry en de Vikingen in hun twintiger jaren. De clash tussen de ego’s is al veel vaker uitgemeten. Maar ach, als dat als resultaat een kneiter van een titelsong oplevert, zijn alle strubbelingen het waard geweest. Daarnaast is van a-ha een keur aan alternatieve Living Daylights te vinden, met de unplugged-versie uit 2017 als fraaie aanvulling. Dat hele concert is trouwens een must. Met name de toegift is van kippenvelniveau.
Die onprettige omgang met John Barry is trouwens exemplarisch voor de bandleden; ook onderling kunnen de heren het moeilijk vinden met elkaar. Zoals wordt verwoord in de documentaire, bestaat a-ha niet uit een groep vrienden, maar uit jongens die elkaar uit afzonderlijke liefde voor muziek bijeen heeft gedreven. De film is een rauw document met vele worstelingen en zelfs een defibrillatie bij een van de bandleden.
Maar hoe de band nu aan zijn naam komt...
Dan is er het interview met Judi Dench door Louis Theroux. Ook hier maar een klein stukje Bond, en een deurmat. Het gesprek is ongedwongen en grand lady Dame Judi is op haar 87e in haar element. Het levert een fijn en soms hilarisch gesprek op met de bijna blinde actrice.
Sean Connery kwam ook nog even langs in een Frans-Duitse documentaire. Met alles wat je al wist over de oer-007, zit er wellicht toch nog iets nieuws bij (de kleine omissies daargelaten). Het tv-portret met als insteek ‘Connery versus Bond’ lijkt met zorg en liefde gemaakt.
By Design: The Joe Caroff Story is vooralsnog de enige die ontbreekt in dit rijtje. De ontwerper van het 007-logo, zoals voor het eerst gebruikt op de Amerikaanse poster van Dr. No (1962), is inmiddels 101 jaar oud, is al bijna 80 jaar getrouwd met zijn jeugdliefde Phyllis, en al helemaal een unicum, hij is mentaal en fysiek nog in orde.
Voor wie daar geen bezwaar tegen heeft, kijkt naar: The Sound of 007, a-ha The Movie, Louis Theroux Interviews... Dame Judi Dench en Sean Connery vs James Bond. Wie nog een tip heeft voor iemand met alleen een HBO-diploma maar geen abonnement...
maandag 25 juli 2022
BFI viert James Bond-weekend
Het British Film Institute houdt op 30 september een James Bond-weekend ter ere van Bonds zestigste filmverjaardag. Zes Bond-films staan op de rol vertoond te worden, inclusief een gesprek met producenten Barbara Broccoli en Michael G. Wilson, een gesprek met James Bond-stuntlieden en de makers van de visuele effecten én een preview van de documentaire The Sound of 007.
Daarvoor moet je natuurlijk wel in Londen zijn. Het programma ziet er dag voor dag als volgt uit:
Vrijdag 30 september:
- 18:15 Barbara Broccoli and Michael G. Wilson in conversation: 60 years of James Bond >>>
- 20:40 Dr. No: 60th Anniversary screening >>>
Zaterdag 1 oktober:
- 11:30 The Spy Who Loved Me: 45th anniversary screening >>>
- 14:45 James Bond behind the scenes: Stunts and VFX >>>
- 17:00 Preview: The Sound of 007 >>>
- 20:15 The Living Daylights: 35th anniversary screening >>>
Zondag 2 oktober:
Klik hier voor het totaaloverzicht.woensdag 1 juni 2022
Een alternatieve Bond-geschiedenis
Het is mooi om te zien hoe oud-Bond-regisseur John Glen op handen wordt gedragen. De 007-helmer is met vijf films achter zijn naam recordhouder onder de Bond-regisseurs. Daarnaast deed hij de montage en regisseerde hij de second unit van drie eerdere Bond-klassiekers. John Glen is de laatste der Mohikanen. Op 15 mei werd hij 90 jaar. En ja, hij leeft nog steeds!
![]() |
| John Glen (Licence to Kill, 1989) |
Rond die datum stroomde het felicitaties en loftuitingen op social media: ‘de beste actieregisseur!’, ‘de man die de jaren 80 bepaalde!’, ‘Bond op z’n best!’, ‘man vol verhalen!’, ‘tijd voor een ridderorde!’. John Glen werd geëerd met de mooiste veren.
Ere wie ere toekomt. Glen is een geweldenaar. Vijf Bond-films op rij, een niet te evenaren prestatie. Dat gaat ook echt niemand hem ooit nog afpakken. Maar John Glen was ook gewoon een manager die de Bond-films uit de jaren 80 in goede banen leidde. Naast zijn ode aan Hitchcock door in ieder film zijn eigen trademark te verstoppen in de vorm van een beest dat plots krijsend door het beeld schiet, blinken zijn Bond-films niet uit in filmmagie. Met een beetje slechte wil kun je beweren dat het veredelde tv-films zijn.
Begonnen met On Her Majesty’s Secret Service (1969) als editor en second unit director, werkte hij in diezelfde functie mee aan The Spy Who Loved Me (1977) en Moonraker (1979), waarna hij door Cubby Broccoli werd gevraagd For Your Eyes Only (1981) te regisseren. Hij bleek, net als zijn voorgangers, de juiste man op de juiste plaats. Glen mocht aanblijven en perste er tot en met 1989 om het jaar een nieuwe film uit. Bij het 25-jarig Bond-jubileum zat 007 steviger in het zadel dan nu met zijn zestigste.
![]() |
| Timothy Dalton en John Glen (The Living Daylights, 1987) |
Glen begreep de Bond-films als geen ander, en de weerslag van James Bond op het filmpubliek. Na de megalomane producties van eind jaren 70 waar onze held zich zelfs buiten de dampkring begeeft, moest het allemaal iets minder fantastisch en vooral minder kostbaar. De taak van John Glen om van de Bond-films met minder franje toch nog iets smeuïgs te maken.
Dat dat hem lukte, mag voornamelijk worden toegeschreven aan de stuntlieden en actie-experts, zoals Rémy Julienne, wiens team de meest halsbrekende capriolen uithaalde op alles met twee, drie, vier of, waar het een Kenworth-truck betrof, een veelvoud aan wielen. B.J. Worth en Jake Lombard idem dito voor alles wat zich mét of liever zónder propellers in de lucht afspeelde. Of Rick Sylvester die zijn leven tot tweemaal in de waagschaal stelde onder leiding van Glen. ‘Remember, you are James Bond.’ En gaan met die banaan.
Hiermee doe ik de aardige regisseur absoluut tekort. De jaren 80 waren voor niemand makkelijk. Daarom zijn de welgemeende accolades in het luchtledige zo aandoenlijk.
Glen behoort tot de laatste van een uitstervend ras. Van vóór hem is geen enkele Bond-regisseur meer in leven. Dat waren er, na bijna twintig jaar James Bond-films en elf rolprenten, trouwens maar vier in totaal: Terence Young (drie films), Guy Hamilton (vier), Lewis Gilbert (drie) en Peter Hunt (één). Young en Hunt zijn in middels op retour, Hamilton en Gilbert stierven enkele jaren geleden op respectievelijk 93- en 97-jarige leeftijd. Uit dit rijtje is Glen de enige die in zowel de jaren 60, 70 als 80 aan Bond heeft meegewerkt. Dat is op zichzelf al een museum waard.
Daags na de feestelijkheden van John Glen viel de eer te beurt aan Bond nummer vijf Pierce Brosnan. Ook al jarig. De erudiete Ier ziet er met zijn witte kuif nog immer Bond-waardig uit (als hij zijn buik tenminste inhoudt). Onder het mom van een felicitatie werd Brosnan de hemel in geprezen voor zijn 007-vertolking.
![]() |
| Pierce Brosnan als James Bond in GoldenEye (1995) |
In het licht van het definitieve einde van Daniel Craigs Bond blijkt dat met weemoed wordt teruggekeken naar de Bond-films uit de jaren 90. Daar waar Bond nog echt Bond mocht zijn en Brosnan, net als Glen in zijn tijd, de juiste man op de juiste plaats was. Want wat je ook vindt van Brosnans interpretatie van de wereldberoemde spion, en de acteur is zelf allerminst tevreden over zijn vertolking, hij flikte het ’m wel om de geheim agent die op sterven na dood was naar een nieuw millennium te loodsen.
Als belichaming van Bond is Brosnan perfect. Hij is de enige Bond-vertolker na Sean Connery (mijn eerste) aan wie ik niet heb hoeven wennen. Zolang Brosnan zijn beknepen mond maar houdt. Zodra hij die opendoet, verdwijnt alle dreiging. Kan de man niks aan doen. Ze hadden alleen beter een oral-signature tape in zijn nek kunnen implanteren. Een voice box zou de rest van het werk doen. Den beste Bond den es je gab!
Binnen de Bond-canon behoren Glen en Brosnan tot de middelmaat. Maar man man man, hoe groot is de behoefte aan een middelmatige Bond-film? Een avontuur zonder pretenties onder regie van John Glen waarbij je precies weet wat je krijgt. Met Pierce Brosnan in de hoofdrol; geef die man een voice box cadeau. Gun beide heren minus 25 jaar — ik vermoed dat zelfs Craig-dweper Barbara Broccoli dan overstag gaat.
![]() |
| Pierce Brosnan en John Glen, augustus 1986 |
Het tijdperk John Glen, het tijdperk Pierce Brosnan; ze liggen een kwart tot half mensenleven achter ons. Het waren achteraf gezien heerlijke onbekommerde Bond-jaren. Die mannen wisten van aanpakken.
James Bond is het filmisch hoogtepunt uit hun leven, dat kan niet anders. Glen heeft na Bond weinig noemenswaardigs meer gemaakt. Zijn Columbus-film uit 1992 was een faliekante mislukking. Brosnan is sinds Bond een veelgevraagd acteur, maar om te zeggen dat hij erg succesvol is. Mamma Mia! deed het tot tweemaal lekker aan de kassa. Die credits moeten toch echt aan Björn en Bennie en niet aan Brosnan worden toegeschreven.
Laat de online felicitaties aan wie dan ook lekker uitbundig zijn. John Glen wás immers de beste Bond-regisseur in de periode 81-89; Pierce Brosnan de beste 007 tussen 95-02. Andy Glen, John Glens zoon, beloofde een paar dagen na 15 mei mijn gelukwens aan zijn vader over te brengen, want zolang het kan, vier ook ik dit jubileum zonder enige terughoudendheid mee. Glens glorieuze reputatie zal met zijn ouder worden en daar voorbij enkel toenemen. Hij behoort inmiddels tot het eregilde der Bond-legendes.
Thanks. I’ll pass that on.
— Andy Glen (@AndyGlen) May 18, 2022
Zijn voorgangers hadden allen iets onbereikbaars; niet in de laatste plaats omdat ze dood zijn, maar ook voor die tijd. Die vonden het niet meer dan logisch een Bond-film te regisseren. Glen was hoogst verbaasd dat hij werd gevraagd. Voor hij het wist had hij zijn eerste film gemaakt, en omdat hij alles opmerkelijk netjes binnen de tijd en het budget had gehouden, mocht hij gelijk aan een tweede beginnen. Opnieuw deed John Glen wat van hem werd gevraagd en zo had hij met gemak tot No Time to Die kunnen doorgaan. Met één levensgroot verschil: hij was zonder morren om het jaar komen opdraven. Bond 30 was inmiddels in de pocket geweest en Pierce Brosnan wegens succes veel langer geprolongeerd. Met méér John Glen hadden we een compleet alternatieve Bond-geschiedenis gehad. Heerlijk middelmatig, ongecompliceerd, ononderbroken en puur Bond.
Deze column verschijnt ook bij James Bond Nederland.
© Bond Blog 2009 — 2026
Danjaq LLC. / Eon Productions, United Artists Co., Amazon MGM Studios, Columbia Pictures, 20th Century Fox Home Entertainment, Sony Pictures Inc., Universal Pictures



.jpg)

.jpg)

.jpg)
.jpg)





























