Happy 80th birthday Timothy Dalton!
zaterdag 21 maart 2026
zaterdag 27 september 2025
‘GoldenEye’ op 5 oktober terug bij Kinepolis
GoldenEye keert op 5 oktober eenmalig terug bij de Kinepolis-bioscopen. De James Bond-film met Pierce Brosnan en Famke Janssen viert dit jaar zijn dertigjarige jubileum. Die dag markeert tevens de releasedatum van de eerste James Bond-film Dr. No 63 jaar geleden.
De zeventiende film uit de Bond-reeks staat geprogrammeerd bij de volgende Nederlandse Kinepolis-bioscopen:
- Almere
- Breda
- Den Bosch
- Emmen
- Enschede
- Groningen
- Hoofddorp
- Jaarbeurs Utrecht
- Leidschendam
- Spijkenisse
- Zoetermeer
De film bevat Nederlandse ondertitels. Klik hier voor meer informatie.
De officiële website 007.com heeft ter gelegenheid van het jubileum vijf iconische scènes uit GoldenEye uitgelicht.
zaterdag 1 januari 2022
vrijdag 9 juli 2021
60 Years of Bond
In eerste instantie dacht ik dat het een ontwerp van een fan was: het logo van 60 jaar James Bond. Volgend jaar is het zo ver, dan viert uw bioscoopheld zijn diamanten jubileum. Het nieuwe logo is vooralsnog op de kalender van 2022 te zien (te koop in de 007 Store). Veel meer ruchtbaarheid heeft Eon Productions nog niet gegeven aan dit heuglijk feit. Veel te vieren valt er dan ook niet...
Eerst eindelijk No Time to Die maar eens in première laten gaan. De laatste Bond-film die al een olifantendracht op de plank ligt. Deze film mag geen jubileumfilm worden, is daar ook helemaal niet voor gemaakt. Daarom waarschijnlijk blijft dat jubileum nog even op afstand. Die twee gaan namelijk niet goed samen.
Tijd voor feestvreugde is er vooralsnog niet. De premièredatum van de 25e film staat weliswaar genoteerd op 30 september, maar hé: stijgende besmettingscijfers, vakantie voor de deur. Eer we veilig en wel in een rood pluche fauteuil plaats kunnen nemen, daarvoor lijkt de tweeënhalve maand die voor ons ligt koffiedik.
Zolang No Time to Die niet uit is, en Daniel Craig daarmee nog steeds de huidige James Bond, ook al draaide hij twee jaar geleden zijn laatste scènes, zolang die film nog geen publiek heeft bereikt, is er voor James Bond geen toekomst. En daarmee geen reden voor een groot feest.
Wat er in de nabije toekomst moet gaan gebeuren, is het vinden van een verse James Bond. Nu 2022 onmogelijk is geworden om te feesten met een nieuwe film, is de presentatie van een nieuwe nul-nul-zeven een goed alternatief. Dan kan er vanaf eind volgend jaar begonnen worden met filmen en hebben we in het najaar van 2023 een officieel 26e bioscoopavontuur. ‘Gewoon’ twee jaar na de vorige. Het diamanten jubileum valt daarmee tussen twee kolossen, want een nieuwe film is logischerwijs toch nog altijd het grootste goed van een filmfranchise. Het feestje valt daarmee een beetje in het niet.
Dat ik niet gelijk een vreugdedansje om dat nieuwe logo maakte, heeft te maken met de amateuristische inborst van het ontwerp. Ik heb het gevoel dat die tweede nul niet eens lekker in het midden van de 6 staat, en dat zwarte uiteinde van de pistoolloop oogt rommelig. Vandaar bij dezen twee gratis alternatieven:
Het is een aardig idee dat oude logo te gebruiken, het zogenaamde 007-retrologo. Maar helemaal de eerste was dit niet. Het eerste ontwerp (ontworpen door de dit jaar honderdjarige Joseph Caroff) heeft nog een schroef rechtsboven de trekker. Zie de evolutie van de officiële 007-logo’s in dit veel geraadpleegde artikel.
Voor de veertigste verjaardag van James Bond werd het huidige 007-logo gebruikt, de versie die volgend jaar twintig jaar lang ongewijzigd is gebleven. Dit is toch wel de ultieme en meest uitgebalanceerde versie. Het is uniek dat deze laatste versie al zo lang wordt gebruikt. Eerder werd het logo per film aangepast. Soms subtiel, soms rigoureus. Bij Bonds vijftigste jubileum werd het 007-logo overgeslagen en enkel de gunbarrel gebruikt. Dit fraaie jubileumlogo werd ook gebruikt in de aftiteling van Skyfall.
Nog tien jaar, dan kan iedereen lekker los op het logo voor het 70-jarig jubileum. Met die 7 moet toch iets originelers te doen zijn...
Nu maar hopen dat 007 dat überhaupt haalt.
vrijdag 1 januari 2021
Een ander verhaal
Allereerst: de beste wensen. Dat 2021 een ander verhaal mag worden. Móet worden. Een verhaal waarin we weer gewoon bij elkaar op bezoek kunnen. Naar het restaurant kunnen. En niet onbelangrijk: naar de bioscoop.
2021 wordt het jaar waarin we ein-de-lijk die nieuwe James Bond-film mogen zien. Eindelijk. Want wat heeft het lang geduurd. Inmiddels staan we al meer dan vijf jaar droog en willen we wel eens weten wat James en Madeleine hebben uitgespookt na hun ritje richting de horizon aan het einde van Spectre.
De toekomst ziet er rooskleuriger uit met een vaccin en de
wetenschap dat het tot april nog maar drie maanden duurt. Drie maanden waarin
we ons opnieuw kunnen warmlopen voor diezelfde premièredatum, zij het met een
ander jaartal erachter.
Het zal deze keer voorzichtiger zijn. Want, zo is maar weer gebleken, niets is zeker. Pas als je met eigen ogen die dots over het scherm ziet rollen en het kippenvel op je armen voelt, pas dan weet je het zeker: dit is de nieuwe James Bond.
Voordat het zover is kunnen we met de jaartallen in ons achterhoofd mooi even terugblikken. Allereerst naar 1971, waar in december van dat jaar Diamonds Are Forever uitkomt. De zevende Bond-film uit de reeks binnen tien jaar tijd… Als je daar met het verstand van nu over nadenkt — om krankzinnig van te worden. Ter vergelijking: tien jaar geleden zaten we middenin het lege gat tussen Quantum of Solace en Skyfall. Skyfall werd in 2012 de eerstvolgende Bond-film, Spectre in 2015 de tweede en No Time to Die… Goed, je hoeft geen wiskundige te zijn om te zien dat dat een compleet ander verhaal is.
De laatste Bond-film die Sean Connery voor Eon Productions maakte, viert dit jaar zijn gouden jubileum. Een film waar ik een haat-liefdeverhouding mee heb, ondanks dat het een van mijn eerste Bond-ervaringen moet zijn geweest.
![]() |
| Sean Connery in Amsterdam (Diamonds Are Forever, 1971) |
Waar Diamonds Are Forever de plank volledig misslaat, is als waardige opvolger van On Her Majesty’s Secret Service. Wat een persoonlijk verhaal van 007 tegen Blofeld had moeten worden na de moord op Bonds vrouw, verzandt in een komisch stripverhaal. Als we het allemaal niet te serieus nemen, en dat doet de film zelf allerminst, dan is Diamonds Are Forever niets meer dan een kleurrijk kolderavontuur geworden. Het werd de opmaat naar meer lolligheid, die niet, zoals velen zeggen, zijn intrede deed met de komst van Roger Moore, maar met het afscheid van Sean Connery.
![]() |
| Charles Gray als Blofeld |
Wie ik in de loop der jaren wel ben gaan waarderen, is die gekke Charles Gray als Blofeld. Ergens een totale miscasting als je hem vergelijkt met zijn veel dreigender voorgangers. Maar als je die vergelijking niet maakt, dan past die Britse breedbekkikker als gegoten in een film als Diamonds Are Forever. Hij heeft zijn postuur mee, een hautaine oogopslag en zo’n Nehru jacket staat ’m hartstikke geinig.
Aanvankelijk hadden de filmmakers een heel ander verhaal voor Diamonds Are Forever voor ogen, waarin de tweelingbroer van Goldfinger aantreedt als antagonist. On Her Majesty’s Secret Service was namelijk niet het succes geworden waarop ze hadden gehoopt en met Goldfinger-regisseur Guy Hamilton voor de tweede keer aan het roer, wilden de makers teruggrijpen naar een van hun grootste artistieke en commerciële triomfen tot dan toe.
![]() |
| Gert Fröbe als Goldfinger |
Gert Fröbe in de titelrol van de gelijknamige film was goed bevallen. De lichte touch van Hamilton viel in de smaak, en de terugkeer van Sean Connery in Diamonds zou het succes van 1964 naar de kroon kunnen steken. Dus bedachten de scenarioschrijvers een tweelingbroer voor Goldfinger (opnieuw gespeeld door Fröbe, anders had het geen zin) die ditmaal geen fetisj had voor goud, maar voor diamanten.
![]() |
| Howard Hughes |
Het idiote idee werd in de prullenbak gegooid nadat producent Cubby Broccoli een nog krankzinniger droom had over een bezoek aan zijn vriend, de kluizenaar Howard Hughes. In Broccoli’s droom bleek dat niet Hughes de touwtjes van zijn imperium in handen had, maar een onbekende megalomaan.
Die rol werd gegeven aan aartsvijand Blofeld die ongemerkt het imperium van Hughes-persiflage Willard Whyte bestiert. Ze konden Blofeld immers niet straffeloos negeren nadat hij de vorige keer Bonds kersverse vrouw had gedood. Alhoewel, over Tracy wordt in Diamonds Are Forever met geen woord gerept.
Dan is er nog die andere jubilaris waar een heel ander verhaal wordt verteld: For Your Eyes Only, de twaalfde Bond-film uit de reeks die dit jaar veertig jaar geleden in première ging. Waar Diamonds Are Forever zijn voorganger grotendeels negeert, kan For Your Eyes Only gezien worden als de serieuze opvolger van On Her Majesty’s Secret Service.
Dat begint gelijk al met de pre-titles waarin Bond voor de eerste en enige keer het graf van zijn vermoorde echtgenote bezoekt. Het is net alsof de jaren 70 niet hebben bestaan en Bond een reuzestap van 1969 naar 1981 maakt.
In zijn laatste jaren 70-film, Moonraker, beleeft Bond in de finale een buitenaards avontuur. Hoeveel verder dan dat had hij moeten gaan? In plaats van een bezoek aan Uranus, zetten de filmmakers hun held met beide voeten op de grond, pakken hem zijn gadgets af en moet hij het zien te rooien met zijn boerenverstand.
![]() |
| For Your Eyes Only (1981) |
Hoewel ik Moonraker een heerlijke film vind vanwege de prachtige plaatjes en een majestueuze soundtrack van John Barry, behoort For Your Eyes Only tot een van mijn favoriete Bond-films. Een film die goed past in het rijtje van mijn eerdere favorieten From Russia with Love en On Her Majesty’s Secret Service, waar een spionnenverhaal wordt verteld en waar het écht weer eens spannend wordt.
In 2017 kort na het overlijden van Roger Moore heb ik mijzelf een plezier gedaan en ben ik For Your Eyes Only in de bioscoop gaan zien. Een film in een bioscoopzaal betekent naast het mooie grote beeld ook reacties uit de zaal. Die waren nogal opvallend. Zo te horen waren er genoeg mensen die of de film nooit eerder hadden gezien of hem al lang weer waren vergeten. Een jonger stel een paar stoelen achter mij begon plots alles lollig te vinden: de kleding van de acteurs, hun haardracht.
Het storende geluid verstomde geheel bij de beklimming in de derde akte van de film. Ineens werd het doodstil in de bioscoopzaal. Toen Bond voor de eerste keer bijna te pletter viel, voelde de zaal met hem mee. Het snijdende touw, de oplossing met de prusikknoop. Dit is altijd een van mijn favoriete scènes uit de gehele Bond-canon geweest. Beter dan deze keer had ik de beklimming nooit ervaren.

Roger Moore in For Your Eyes Only (1981)
Daarna mocht er weer gelachen worden. De eindscène met de
Thatchers was voor het eerst ook echt leuk. De zaal reageerde optimaal. Een
glunderende defensieminister, de flirtende look-a-like, en daar kwam de
grootste troef: Denis Thatcher. Ik vond deze scène altijd teveel van het goede,
zeker voor zo’n serieuze Bond-film als For Your Eyes Only. Maar het werkte. Dat
hadden John Glen, Richard Maibaum en Michael G. Wilson destijds goed gezien.
Van de kolder in Amsterdam een halve eeuw geleden naar de down-to-earth avonturen van veertig jaar terug — in 1991, 2001 en 2011 bleef het vervolgens stil rond 007 in de bioscoop — verwacht ik in 2021 een geheel ander verhaal.
Rami Malek in vrouwenkleding zal zich beperken tot Bohemian
Rhapsody en een cameo voor Boris Johnson aan het eind van de film is
uitgesloten aangezien No Time to Die is geschreven toen Theresa May nog de
scepter over het Verenigd Koninkrijk zwaaide. Overigens is May de enige Britse premier
die tijdens haar termijn sinds het begin van de filmserie in 1962 geen James
Bond-film in première heeft zien gaan. Maar dat is wéér een ander verhaal…
Deze column verschijnt ook bij James Bond Nederland.
maandag 7 december 2020
A Relic of the Cold War
Op donderdag 7 december 1995 ging in Nederland de 17e James Bond-film GoldenEye in première. GoldenEye luidde een nieuw tijdperk in voor James Bond:
zaterdag 1 augustus 2020
Happy anniversary 007!
Het eerste grote jubileum werd gevierd met de komst van The Living Daylights (1987), het jaar waarin James Bond zilver mocht aanraken. In het kader hiervan werd een special uitgezonden: Happy Anniversary 007: 25 Years of James Bond. Met hoogtepunten uit een kwart eeuw Bond-films. Roger Moore praatte de filmpjes aan elkaar.
Tijdens dertig jaar James Bond in 1992 bleef het angstvallig stil in de bioscoop. Het was enige tijd geleden dat de laatste film, Licence to Kill, in 1989 in première was gegaan, en de volgende Bond-film, GoldenEye, zou nog tot eind 1995 op zich laten wachten. Wel mochten we de 30th Anniversary Collection aan onze cd-collectie toevoegen. Verder was er op dat moment geen reden voor een feestje; James Bond was na dertig jaar immers op sterven na dood.
Ook werd een lijn met James Bond-horloges gelanceerd onder het fraaie 40th Anniversary-logo. Alles van speelkaarten tot Johnny Lightning-schaalmodellen kreeg in die tijd dit stempel.
![]() |
| Paul McCartney en Shirley Bassey |
Deze column verschijnt ook bij James Bond Nederland.
woensdag 1 januari 2020
Happy Anniversary 007!
No limits. No fears. No substitutes. Daar was hij weer, na een afwezigheid van zesenhalf jaar. It's a new world. With new enemies. And new threats. But you can still depend. On one man. Een explosieve start voor de nieuwe James Bond: Pierce Brosnan. Kan mij de bioscoopervaring in de herfst van 1995 nog goed herinneren. En het was niet eens de film zelf waar ik de beste herinneringen aan heb.
Ik was net 17 jaar toen de 17e Bond-film uit de reeks in première ging en al was ik lang niet zo'n allesweter als nu, ik kon al een aardig quizje winnen. Zo had ik in die herfst van 1995 kaartjes gewonnen voor een exclusieve voorvertoning van de nieuwe Bond-film. Naast de filmvertoning kreeg het selecte groepje winnaars ook een GoldenEye-sweater en een GoldenEye-speld. Dit laatste kleinood heb ik jarenlang óp mijn portemonnee gedragen, als zijnde een GoldenEye-portemonnee, maar was helaas van de een op andere dag verdwenen.
Voor aanvang van de film werd een cd verloot: de 30th Anniversary Collection. Ik had die cd natuurlijk al, en het ingestoken boekje inmiddels stukgelezen, dus echt winnen hoefde ik 'm niet. Maar als de vraag is: noem de eerste twee James Bond-films. Zo'n antwoord kun en mag je niet fout hebben. Al hadden ze me gevraagd álle Bond-films inclusief releasejaar en regisseur op te dreunen — maar dat vroegen ze niet.Toen bij de uitreiking werd gezegd dat er maar één iemand de goede antwoorden had gegeven, zette ik al meteen een stap naar voren. Hoogst verbaasd overigens. Niet dat ik het goed had, maar dat al die andere zogenaamde liefhebbers een fout antwoord hadden ingevuld.
Alles in deze zeventiende Bond-film was totaal nieuw voor mij. Pre-internet wist ik buiten de deelname van Pierce Brosnan en Famke Janssen weinig tot niets van GoldenEye. Ik heb mij ongetwijfeld vermaakt, maar vond dat er zeker in het eerste uur wel erg veel werd geluld. Gek genoeg heb ik de film alleen die ene keer op het witte doek gezien, de tweede keer op VHS. Mijn oom en tante hadden 'm gehuurd en ik mocht 'm ook even lenen.
GoldenEye is na de tweede en derde en al die andere keren alleen maar beter geworden. Niet wetende dat het met de volgende Bond-films van Pierce Brosnan alleen maar achteruit zou gaan. Misschien daarom is GoldenEye wel zo goed.
- Première: 13 november 1995 (New York)
- Nederland: 7 december 1995
- België: 20 december 1995
Voor alle bezoekers van Bond Blog: een mooi 2020 gewenst. Op naar een nieuw jubileum!
woensdag 18 december 2019
Thy dawn...
Vijftig jaar geleden op deze dag ging On Her Majesty's Secret Service wereldwijd in première. De Bond-film met de James Bond die het niet redde: George Lazenby. Een prima Bond! Al zag het publiek dat destijds niet. En wie daar niet doorheen kan kijken, mist de beste Bond-film ooit gemaakt.
Naast een knap optreden van de niet-acteur Lazenby, is daar zijn tegenspeelster, de gelauwerde Diana Rigg als de eigengereide Tracy. Zij is het die Bonds hoofd op hol brengt en zich, vooralsnog als enige, Mrs. Bond mag noemen, al duurde dat niet lang. Telly Savalas als overtuigende Blofeld diep verscholen in de Zwitserse Alpen. Gabriele Ferzetti als Tracy's vader, de goedaardige crimineel Marc-Ange Draco en Ilse Steppat als de padachtige Irma Bunt, de enige waar James Bond echt bang van is.
Niets dan lof over de keuzes die eenmalig Bond-regisseur Peter Hunt maakte, van de locaties tot en met de ijzeren wil Flemings rauwe einde te behouden. Componist John Barry opereert hier op de toppen van zijn kunnen, Michael Reed schotelt ons de meest beeldschone plaatjes voor en de actie op de ski is met dank aan topatleet Willy Bogner om te snijden. Een sfeervolle film van de eerst tot de 142e minuut.
Ik heb op Bond Blog nooit onder stoelen of banken gestoken hoe ik over de zesde Bond-film uit de reeks denk. Zie hieronder enkele artikelen over OHMSS die misschien de moeite waard zijn nog eens te lezen:
- Im Geheimdienst Ihrer Majestät (30 juli 2009)
- Journey to Blofeld's Hideaway (5 september 2011)
- 007 Magazine: OHMSS de aller beste (16 sept 2012)
- On Her Majesty's Secret Service Lives Twice (31 december 2013)
- The other Fella — 80 jaar George Lazenby (5 sept 2019)
donderdag 5 september 2019
The other fella
George Lazenby 80 jaar
‘Ik ben James Bond!’, riep George Lazenby in 1969 tegen iedereen die het maar wilde horen. Hij voelde het, James Bond zat in zijn poriën. ‘Het is een prettige ontdekking’, aldus de acteur vijftig jaar geleden. Een compleet ander geluid dan zijn voorganger, die geen moment aan zich voorbij liet gaan om te melden dat hij James Bond vooral níet was.
George Lazenby, de man die zo graag wilde, de man die er alles aan deed de felbegeerde rol te bemachtigen — en er daarna evenzo snel weer van af wist te komen. Die man is vandaag 80 jaar geworden.
Hij had een contract aangeboden gekregen voor nog eens zes Bond-films. Na On Her Majesty’s Secret Service mocht hij van producenten Saltzman en Broccoli gewoon aanblijven, net als voorheen met Sean Connery was gedaan. Dat was het plan.
Niet Lazenby’s plan.
James Bond was uit de tijd, vond de kersverse acteur nadat zijn eerste film was ingeblikt. Hij was bang dat volgende Bond-films zijn verdere carrière zouden schaden. Eind november 1969 werd wereldkundig dat de nieuwe Bond alweer verleden tijd was, nog voordat iemand Lazenby in de rol had kunnen beoordelen.
De recensies
‘Zijn jongste technicolor-robbertje heet IN DIENST VAN HARE MAJESTEIT en hij opereert in de gedaante van George Lazenby – geen Connery, maar het verschil valt nauwelijks op.’ (Het Vrije Volk, 18 december 1969)
‘Het resultaat is, tegen elke verwachting, hoogst plezierig geworden. Of het nu door nieuwe ster George Lazenby komt is moeilijk te zeggen, maar Bond blijkt niet alleen uiterlijk maar ook innerlijk zeer ten goede veranderd.’ (De Waarheid, 19 december 1969)
‘Over de man ben ik minder enthousiast; bij een vergelijking met zijn voorganger blijft hij nergens. Hij heeft weliswaar een atletische gestalte en weet zijn knuisten best te gebruiken, maar hij mist de innerlijke beschaving, de superieure houding en de overrompelende sex-appeal van Connery. (…) Kortom, Connery was 007, Lazenby is hooguit 006.’ (Henk ten Berge in De Telegraaf, 19 december 1969)
‘De fans van Sean Connery zullen met teleurstelling merken dat diens opvolger George Lazenby een slappe 007 is. Een van de redenen waarom deze James Bond in waarde sterk achteruit gaat.’ (Peter van Bueren in De Tijd, 19 december 1969)
‘De nieuwe, het ex-fotomodel George Lazenby, heeft een wat weker gezicht. Hij komt er echter niet slecht af, waarschijnlijk vooral door de regie van Peter Hunt, ook al een nieuwe naam.’ (Nieuwsblad van het Noorden, 19 december 1969)
‘Het is bij Hunt niet een kwestie van zo compact mogelijk, maar van zo lang mogelijk actiefilmen.’ (Algemeen Handelsblad, 19 december 1969)
‘James Bond is dezelfde niet meer. Hij ziet er nu uit als George Lazenby, die wel een soepele krachtfiguur is, maar geen groot acteur.’ (Trouw, 19 december 1969)
‘Geheim-agent 007 moge wezen wie hij wil, in ieder geval geen Jan Oliebol. Met Lazenby echter heeft de Engelse geheime dienst zo’n Jan aangeschaft die blakend van advertentie-glamour een nieuw Bond-avontuur aan zich ziet voorbijgaan.’ (Bob Bertina in De Volkskrant, 19 december 1969)
‘Wennen aan andere Bond valt wel mee.’ (Het Parool, 19 december 1969)
Vetes
Uit protest, en tegen de wensen van de producenten in, verscheen Lazenby in december 1969 met lang haar en een zware baard op de koninklijke première van zijn eerste en enige Bond-film. Hij leek in niets op de geheim agent van het witte doek. En dat was helemaal de bedoeling. Hij voelde zich geen James Bond meer. James Bond kon de pot op.
Het is een beslissing die de nu tachtigjarige George Robert Lazenby tot de dag vandaag betreurt. Wat als hij…
Hij was jong, 29 jaar om precies te zijn, 30 toen de film uitkwam. Onbehouwen, onervaren, onhandelbaar. Een jongen die zoveel zelfvertrouwen uitstraalde, maar zich vanbinnen vaak eenzaam voelde op de filmset.
Regisseur Peter Hunt, die overigens vierkant achter zijn nieuwe James Bond stond, liet diezelfde James Bond keihard vallen, door tijdens het draaien nauwelijks contact met hem te hebben. Lazenby vatte dit persoonlijk op, voor Hunt was het een truc om de rauwe eenzaamheid die met de Bond-rol gepaard gaat in de acteur naar boven te halen. Lazenby verklaarde later dat het contact met zijn regisseur via een assistent liep. Hunt wuifde dit weg, want hoe kun je een film regisseren als je niet eens met je acteurs praat…
Met tegenspeelster Diana Rigg boterde het ook niet. Een beroemd voorval is de knoflookaffaire. Vlak voor een intieme scène met Lazenby had Rigg een curryworst naar binnen gewerkt. Iets wat Lazenby haar via de media verweet, waarna een brievenoorlog tussen de twee ontstond in de Engelse dagbladen. Rigg antwoordde dat zij hem van te voren over haar diner had ingelicht en wierp als tegenvraag op waarom zij dit expres zou doen als deze scène voor hen allebei belangrijk was?
Het was vijftig jaar geleden niet anders dan nu. Iedere scheet op de Bond-set wordt het liefst zo groot mogelijk uitgemeten. Doet er niet toe of iemand er een heeft gelaten. Een ogenschijnlijk verhitte discussie tussen Daniel Craig en regisseur Cary Fukunaga op de set van No Time To Die in Jamaica in mei dit jaar, werd al gelijk een ruzie. Sinds die tijd schijnt Daniel Craig alleen nog maar via een assistent met zijn regisseur te spreken.
Privileges
Vorige week lekte naar buiten dat Craig en Cary gezellig met cameraregisseur Linus Sandgren naar diens geboortegrond Zweden waren vertrokken voor een paar relaxte daagjes met z’n drietjes in Centør Pårcs. Even zonder Barbara, even zonder Moneypenny. Even zonder vrouwen. Een mannenweekend met veel Guinness, schuine moppen en trek-is-aan-me-vinger. Niks geen ruzie, gewoon een professioneel meningsverschil van man tot man. Nu kunnen ze er in Italië weer helemaal tegenaan voor een maandje.
Craig is inmiddels met zijn vijfde Bond-film bezig, wat hem bepaalde privileges geeft. Zo zat hij vorige maand nog met een stel vrienden bij de rugbywedstrijd Engeland – Wales. Met deze vrijheden blijft het voor hem leuk om te doen. De druk op die film is al zo groot. Al verveelde George Lazenby zich ook niet bepaald bovenop een verlaten bergtop met twaalf allergiepatiënten (die overigens geen van allen iets van zijn avances moesten hebben).
Wat als…
Wat als Lazenby zich iets volwassener had gedragen, iets minder de James Bond had uitgehangen, iets minder zelfverzekerdheid had getoond…
Aan zijn prestatie ligt het niet. Hij is dan geen Sean Connery, maar wie de moeite doet langs Bond nummer één heen te kijken, zal in nummer twee een prima 007 zien. Grote vraag blijft: was Connery in staat geweest in diezelfde periode een dosis vitaliteit in zijn James Bond-rol te stoppen? Lijkt mij welhaast uitgesloten, dat was al jarenlang trekken aan een dood paard. Nu stond er een James Bond die er zin in had. En als hij die zin had vastgehouden, had hij Diamonds Are Forever (1971) ook kunnen doen, en Live and Let Die (1973), tot en met For Your Eyes Only (1981) als hij zijn zevenvoudig contract zou uitdienen (en als we voor het gemak dezelfde filmvolgorde als in werkelijkheid aanhouden). Hij zou tegen die tijd pas 42 zijn!
Dan was George Lazenby niet verworden tot die ene Triviantvraag: wie speelde slechts eenmaal James Bond? De eeuwige discussie zou dan luiden: wie is de beste, Connery of Lazenby? Roger Moore zou na The Persuaders! de rest van zijn leven koddige tv-series blijven maken en af en toe in een onbekende film opduiken.
The other fella
De enige film waar we serieus op hadden kunnen hopen, is George Lazenby in Diamonds Are Forever, wat daarna zou komen, is nog koffiedikker kijken.
De opvolger van OHMSS had alles in zich om de perfecte wraakfilm te worden. In niets in Diamonds is te merken welk verschrikkelijk lot Mr en Mrs Bond hebben moeten ondergaan. In het begin lijkt het nog ergens heen te gaan als Bond over de gehele wereld de jacht op Blofeld inzet. Als hij hem dan eindelijk te pakken heeft, verzuipt de aartsvijand vrij onbevredigend in een kokende modderpoel. Dat later blijkt dat Bond een dubbelganger heeft koud gemaakt, maakt het allemaal niet beter. ‘Welcome to hell Blofeld’, zegt Connery met een ongepaste glimlach. Niet eens een wrede. Om niet veel later te worden aangesproken met: ‘You’ve been on holiday, I understand’ en ‘We do function in your absence, Commander.’ Om nog maar even duidelijk te maken dat Connery de enige echte James Bond is en het ‘foutje’ dat Lazenby heet maar zo snel mogelijk moet worden vergeten.
Lazenby verdiende een tweede Bond-film en wij verdienden een tweede Bond-film met George Lazenby. Al was het maar om hem in de rol te zien groeien.
Tegenwoordig is Lazenby, na het overlijden van Roger Moore in 2017, de enige oud-James Bond die zich met grote regelmaat laat zien en met trots vertelt over zijn eenmalige roem. Bezoek vooral ook eens zijn website en bekijk de erg leuke semi-docu Becoming Bond, over hoe George Lazenby James Bond werd. Op 21 september wordt James Bond nummer twee bovendien geëerd met een Lifetime Achievement Award tijdens het 16e CineFest Film Festival in Hongarije.
Via Twitter laat Lazenby weten:
Honored to have been selected for a Lifetime Achievement Award at this year's @CineFest in Miskolc. Look forward to the trip as I've never been to Hungary even though my sister married a Hungarian guy. Small world. https://t.co/5qvT9IoiVH— George Lazenby (@lazenbyofficial) August 30, 2019
This never happened to the other fella…
dinsdag 1 januari 2019
Happy Anniversary 007!
Dit jaar het gouden jubileum van één van de publieksfavorieten, één van Ian Flemings meest getrouw verfilmde werken; totaal het tegenovergestelde in een ruimtespektakel dat alle registers opentrekt, maar met zoveel vakmanschap is gemaakt, dat het onmogelijk is geen zwak voor deze productie te hebben; weer totaal anders is de hardste Bond-film ooit gemaakt, waarin 007 het op eigen initiatief tegen zijn meest realistische tegenstander ooit opneemt en de laatste Bond van het vorige millennium dat een zwart randje kreeg door het plotselinge definitieve afscheid van de o zo geliefde Desmond Llewelyn.
De Bond-film met de James Bond die het niet redde: George Lazenby. Een prima Bond! Al zag het publiek dat destijds niet. En wie daar niet doorheen kan kijken, mist de beste Bond-film ooit gemaakt. Naast een knap optreden van de niet-acteur Lazenby, is daar zijn tegenspeelster, de gelauwerde Diana Rigg als de eigengereide Tracy. Zij is het die Bonds hoofd op hol brengt en zich, vooralsnog als enige, Mrs. Bond mag noemen, al duurde dat niet lang. Telly Savalas als overtuigende Blofeld diep verscholen in de Zwitserse Alpen. Gabriele Ferzetti als Tracy's vader, de goedaardige crimineel Marc-Ange Draco en Ilse Steppat als de padachtige Irma Bunt, de enige waar James Bond echt bang van is.
Niets dan lof over de keuzes die eenmalig Bond-regisseur Peter Hunt maakte, van de locaties tot en met de ijzeren wil Flemings rauwe einde te behouden. Componist John Barry opereert hier op de toppen van zijn kunnen, Michael Reed schotelt ons de meest beeldschone plaatjes voor en de actie op de ski is met dank aan topatleet Willy Bogner om te snijden. Een sfeervolle film van de eerst tot de 142e minuut. Thy dawn, o master of the world, thy dawn...
- Première: 18 december 1969 (Londen)
- Nederland: 18 december 1969
- België: 18 december 1969
Met een recordbudget van meer dan 30 miljoen dollar mocht het team van Cubby Broccoli onder leiding van regisseur Lewis Gilbert zijn stoutste dromen waarmaken. Het resultaat is beslist niet de beste film uit de reeks, maar het plezier en de productiewaarde spat van het scherm. Roger Moore speelt Bond lichtvoetig als altijd en ziet er voor zijn 51 jaar (net als Daniel Craig straks in Bond 25) beter uit dan ooit. Lois Chiles mag zijn vrouwelijke evenknie van de CIA spelen en doet dat met de weinige middelen die haar worden aangereikt. Michael Lonsdale als Drax is een vreugd om naar te kijken, kalm en beheerst. En Richard Kiel mocht eenmalig terugkeren als de meest iconische handlanger uit het Bond-universum: Jaws.
Opnieuw John Barry die hier zijn beste Bond-score aflevert. Het is een opera geworden, met veel koren en een unieke sound doordat de opnamen van deze film bij uitzondering in Parijs plaatsvonden. Dat deze soundtrack nergens in zijn totaliteit is te verkrijgen, is de grootste misdaad op James Bond-gebied. Ken Adam verzorgt voor de laatste keer de decors van een Bond-productie. Geen enkele James Bond-film heeft er na die tijd zo mooi uitgezien. Het blijft een plezier deze film te ondergaan. Als nu die soundtrack ooit nog eens in orde komt. Wie weet is dit jubileum een zetje in de rug.
- Première: 26 juni 1979 (Londen)
- Nederland: 12 juli 1979
- België: 18 oktober 1979
Timothy Dalton voor de tweede maal als 007. Dichterbij de beschrijving van Ian Flemings James Bond wist geen andere hoofdrolspeler ooit te komen. Dalton was zijn tijd echter te ver vooruit en Licence to Kill is een iets te harde Bond-film geworden. Humorloos, zeker wat de kant van Bond betreft. Niettemin is het een spannende en met actie overladen film. De vrouwen van dienst: Carey Lowell staat haar mannetje als Pam Bouvier en Talisa Soto is beeldschoon als Lupe Lamora. Robert Davi is een schurk in de beste traditie van de Bond-boeven, hij zet een eng realistische drugsbaron neer. Wie ook eng is, is Anthony Zerbe als de kruiperige Milton Krest, een schurk uit het verhaal The Hildebrand Rarity.
De film markeert het einde van een tijdperk. Niet alleen voor Timothy Dalton als James Bond, ook John Glen als recordhouder onder de regisseurs. Hij levert zijn vijfde en laatste Bond-film af. Cubby Broccoli is voor het laatst actief als producent, Richard Maibaum voor de dertiende en laatste keer als schrijver en Maurice Binder verzorgt hier zijn laatste titelsequentie. Licence to Kill leek voor lange tijd ook de laatste James Bond-film; het duurde zesenhalf jaar voordat opvolger GoldenEye (1995) verscheen. En daarmee begon een nieuwe periode in aanloop naar het volgende millennium...
- Première: 13 juni 1989 (Londen)
- Nederland: 12 juli 1989
- België: 13 juli 1989
De laatste Bond-film van de vorige eeuw, de laatste vóór het begin van een nieuw millennium. Een rol voor de Millennium Dome, een grap over de millenniumbug. De enige bug lijkt de film zelf te zijn. Het is het allemaal net niet, terwijl Pierce Brosnan in zijn derde optreden als Bond een vertrouwde indruk maakt. Sophie Marceau heeft als Bond-girl annex Bond-boef een fijne rol, John Cleese is grappig als het stuntelige hulpje van Q, Judi Dench heeft haar grootste rol als M tot dan toe en het is de laatste film met Desmond Llewelyn. Eigenlijk is het vooral de film geworden die een ode brengt aan Q, een vooruitziende blik waarvan niemand voor mogelijk had gehouden dat het zo snel waarheid zou worden.
Wie over James Bond sprak, sprak automatisch over Desmond Llewelyn als Q. Hij was na bijna veertig jaar James Bond-films hét gezicht van de serie geworden. Geen andere acteur is in zoveel Bond-films te zien geweest, zeventien in totaal. Op zondag 19 december raakte hij na een signeersessie betrokken bij een verkeersongeluk dat de dood voor de 85-jarige acteur betekende. Het was slechts drie weken na de première van The World Is Not Enough. Q's vaarwel in deze film is onbedoeld het mooiste filmafscheid denkbaar. Welke acteur krijgt nu de kans om na zoveel jaar en zoveel films op deze waardige manier te vertrekken? Er is geen enkele Bond-acteur die hem dat heeft nagedaan.
- Première: 8 november 1999 (Hollywood)
- Nederland: 2 december 1999
- België: 1 december 1999
maandag 29 oktober 2018
Tien jaar Quantum of Solace
Vandaag tien jaar geleden ging Quantum of Solace in première. Hieronder mijn eerste ervaring met de 22e James Bond-film in de herfst van 2008:
Exclusief: de eerste Nederlandse review van Quantum of Solace
Spoilers — Quantum of Solace doet niet moeilijk. De film begint in volle vaart waar Casino Royale twee jaar geleden was opgehouden. Opnieuw is het Daniel Craig die de show steelt als ijzersterke 007. Even nonchalant als de vorige keer, maar net iets zelfverzekerder. Een Bond van ‘niet lullen maar poetsen’. Dat geleuter kan achteraf. Bij dezen.
Het grote verschil met zijn bejubelde voorganger is de stijl van deze 22e Bond. Waarin duidelijk de hand van Marc Forster is te herkennen. Niet eerder heeft een regisseur zo zijn stempel op deze serie kunnen, of mogen, drukken. Door deze vrijheid oogt de film bijzonder fris, nieuw, eigentijds, maar bovenal: het blijft een Bond-film.
Doodsimpel verhaal
Actuele thema’s als olieschaarste, de dalende dollar en corrupte ambtenaren zijn verweven in een doodsimpel verhaal. Omdat het verhaal zo eenvoudig is gehouden, is er meer ruimte voor spektakel. Maar het is niet de actie om de actie. Het is actie omdat het verhaal daarom vraagt. Natuurlijk had Bond ook iets zachtzinniger te werk kunnen gaan, maar het is nu eenmaal een botte boer. Aan de andere kant: actie hoort bij dit soort films. Daar komt het gros van de mensen op af. Een bioscoopkaartje in ruil voor vermaak. En dat is bij Quantum of Solace zeker het geval.
Ook in de actiescènes is een nieuwe aanpak te merken. Zo maakt regisseur Forster meerdere malen gebruik van parallelle montage, twee verschillende locaties wisselen elkaar af waardoor deze scènes zich gelijktijdig lijken af te spelen. Dit werkt verhelderend en houdt de vaart erin. Een andere mooi opgebouwde actiescène is die in Bregenz: de filmscène tijdens de opera Tosca van Puccini lijkt een opera op zichzelf.
![]() |
| Night at the Opera, met Anatole Taubman (links) en Mathieu Amalric |
Een eervolle vermelding voor Dennis Gassner die deze keer de decors heeft verzorgd. De vervanger van oudgediende Peter Lamont toont de grootsheid en luxe die we sinds The Spy Who Loved Me (1977) niet meer hebben gezien. De sets lijken soms wat over the top, maar het zijn alleen de Bond-films die hiermee wegkomen. Daarom werkt het en daarom is het goed dat deze troef weer van stal wordt gehaald. Het hoofdkwartier van MI6 ziet er totaal anders uit dan gewend. Veel moderner, allemaal high-tech. Het is prettig dat deze grappen binnenshuis worden gehouden en Bond niet opnieuw met een onzichtbare auto op pad moet.
Opvallende verschijningen
Naast Daniel Craig als James Bond vallen vooral de rollen op van Judi Dench (M), Gemma Arterton (Fields) en David Harbour (Gregg Beam). Judi Dench komt deze keer vaker in beeld dan in al haar vijf voorgaande Bond-films. Voor een actrice van haar formaat is dat eigenlijk heel logisch. Vreemd genoeg hebben eerdere regisseurs hier nooit gebruik van gemaakt.
![]() |
| Judi Dench als M, met Gemma Arterton en Daniel Craig |
Ze is opnieuw de koele M die Bond een ongeleid projectiel vindt. Toch is er wederzijds vertrouwen, een overtuiging die alle stormen lijkt te weerstaan. Hun relatie wordt ditmaal danig op de proef gesteld, waardoor de scènes tussen de acteerkanonnen Craig en Dench van het scherm spatten. Ze zijn het weinig met elkaar eens, proberen elkaar constant de loef af te steken en zijn daardoor een bijzonder komisch duo zonder daarin door te draven.
Fields en Beam
De jonge actrice Gemma Arterton speelt de leuke rol van agent Fields. Het enige dat zij hoeft te doen is zorgen dat Bond, zojuist gearriveerd in Bolivia, op de eerstvolgende vlucht naar Londen wordt gestuurd. Bond palmt haar in, wint haar vertrouwen en heeft een leuke nacht. Arterton weet haar rol de juiste flair mee te geven waardoor het niemendalletje voor korte tijd tot een prachtige bloem bloeit. Ze heeft de tijd van haar leven met de flamboyante geheim agent en je gelooft het als kijker ook nog. Met dank aan Arterton.
De Amerikaanse acteur David Harbour speelt de besnorde CIA-agent Gregory Beam. Een ploert van een vent die zijn machtspositie misbruikt door met vijand Dominic Greene in zee te gaan. Hij is de meerdere van Felix Leiter (Jeffrey Wright), die duidelijk te lijden heeft onder Beams gezag. De rol van Leiter raakt hierdoor enigszins op de achtergrond, waardoor er voor hem niet veel meer over blijft dan een beetje mokken. Niet helemaal verwonderlijk: Beam heeft Greene beloofd om Bond voor hem op te ruimen. Leiter komt hierdoor in een moeilijk parket: kiezen voor de CIA of voor het leven van Bond.
Zakendoen met schurken
Met Gregg Beam wordt direct duidelijk dat de scheiding tussen goed en kwaad in deze film erg dun is. Zo is de vijand van Bond, Dominic Greene, een voorvechter van een beter milieu. Niets mis mee. Zo vindt ook de Britse minister van Buitenlandse Zaken. Ook al weet hij dat Greene snode plannen heeft; zakenmensen en wereldleiders hebben nu eenmaal geen brandschone reputatie. Toch kan het niet anders dan dat de Britse regering zaken met ze doet.
Dominic Greene, de grote boef in Quantum of Solace, wordt prima vertolkt door Fransman Mathieu Amalric. Zijn bijdrage beklijft echter niet. Hij heeft enge rollende ogen, een sinister stemgeluid, maar echt dreigend komt hij niet over. Het is een zakenman zoals er in het dagelijks leven veel rondlopen. Over de organisatie ‘Quantum’ waar Greene voor werkt, worden we niet veel wijzer; op dit nieuwe SPECTRE kunnen we daarom nog jaren teren.
![]() |
| Mathieu Amalric als Dominic Greene |
Introductie van Camille
De introductie van Bond-girl Camille (Olga Kurylenko) is origineel. Bond doet zich voor als ene Mr. Slate die hij zojuist vermoord heeft. Camille schijnt een afspraak met deze Slate te hebben en pikt Bond tot diens verrassing plotseling op met haar Ford Ka. Bond probeert uit te vogelen wat Camille precies weet van de geheimzinnige organisatie waarop hij jaagt. Zij weet van niets en begint vervolgens over het geld dat in Bonds koffertje zou moeten zitten. Als Bond de koffer opent, blijkt hier de opdracht in te zitten om Camille te doden. Deze scène is een aaneenschakeling van verrassende wendingen.
![]() |
| Olga Kurylenko als Camille |
Camille heeft zo haar eigen reden om zich in het avontuur te mengen. Net als het verhaal van de film is ook dit een vrij simpel gegeven en komt daardoor niet helemaal uit de verf. De rol van Camille is verder prima, maar maakt minder indruk dan voorganger Vesper Lynd (Eva Green in Casino Royale).
Tot slot…
Quantum of Solace is een solide avontuur geworden. Een film met veel actie, maar ook met de nodige pauzes. Na afloop van Quantum was ik minder lyrisch dan na het zien van Casino Royale, maar dat zal te maken hebben met de teleurstelling die Die Another Day heet. Casino Royale wordt hier niet overtroffen, maar Quantum of Solace houdt zich prima staande naast zijn voorganger.
Het hindert absoluut niet dat Quantum met 106 minuten de kortste aller Bond-films is. Het is beslist de snelste van het stel. Als deel 23 zich op dezelfde manier blijft vernieuwen, kan James Bond nog vele jaren mee.
…En dan nu als de sodemieter Casino Royale kijken!
© Bond Blog 2009 — 2026
Danjaq LLC. / Eon Productions, United Artists Co., Amazon MGM Studios, Columbia Pictures, 20th Century Fox Home Entertainment, Sony Pictures Inc., Universal Pictures












































