Films en seriesFilms en series

dinsdag 24 februari 2026

Hoe zat het ook alweer met ‘Never Say Never Again’?

Even voor dat handjevol kijkers dat tijdens het kijken naar de James Bond-films op Netflix ineens Never Say Never Again tegenkomt en zich afvraagt hoe die film in de chronologie van de reeks past. Want hoezo is er weer een Largo en een Domino en gaat Bond opnieuw achter gestolen nucleair materiaal op de Bahama’s aan?


Niet verder vertellen, maar niet iedereen vindt dat Never Say Never Again bij de Bond-serie hoort. Hoe dat komt? Deze film uit 1983 met Sean Connery als James Bond in de hoofdrol is niet geproduceerd door de familie Broccoli. De familie die al die andere 25 films wél heeft gemaakt.

Dat heeft weer te maken met filmplannen van eind jaren 50 waar Bond-schrijver Ian Fleming bij betrokken was, die het samen met wannabe filmmaker Kevin McClory tijd vond voor een heuse James Bond-film. Samen met scenarioschrijver Jack Whittingham werkten zij aan een filmscript dat uiteindelijk nooit van de grond kwam.

Fleming op zijn beurt leverde in die tijd nog ieder jaar trouw een Bond-boek af en aangezien het filmplan strandde, gebruikte hij het verhaal dat hij met McClory en Whittingham had ontwikkeld, hoppa, voor zijn volgende roman: Thunderball. Zonder vermelding van het eerder genoemde tweetal.

Dat had hij beter niet kunnen doen...


Fleming voelde zich onaantastbaar; James Bond was toch immers zijn geesteskind?  

McClory spande een rechtszaak aan die Fleming niet in de koude kleren ging zitten. De fragiele vijftiger die stevig rookte en dronk, kampte al met hartklachten. Deze stressvolle periode deed hem weinig goed.

Ondertussen klopten Harry Saltzman en Albert R. Broccoli bij hem aan. Ook zij wilden films maken van zijn boeken. Thunderball, het nieuwste avontuur van dat moment, leek ze een mooi project om mee te beginnen. De filmrechten van het eerste Bond-boek Casino Royale waren namelijk al in handen van een ander, maar de rest van de filmrechten lag nog open. Het drietal kwam overeen dat alle filmrechten naar het producentenduo ging, inclusief alle verhalen die Fleming nog zou gaan schrijven.

Door de rechtszaak rond Thunderball besloten Saltzman en Broccoli zich verder niet aan dat dossier te branden, ze richtten hun pijlen op Dr. No om mee te beginnen. Er waren immers genoeg verhalen voorhanden om zich in vast te bijten.

Albert R. Broccoli, Ian Fleming, Sean Connery en Harry Saltzman

Dr. No
verscheen in de herfst van 1962 en werd een bescheiden succes. De volgende film From Russia with Love stond al in de steigers en met de komst van de derde, Goldfinger, kon niemand meer om James Bond heen. Binnen twee jaar tijd verschenen drie Bond-films, het succes van de serie werd groter en groter.

De filmrechten van Thunderball waren inmiddels bij Kevin McClory beland. Ian Flemings gezondheid ging hard achteruit. Een maand voordat Goldfinger in première ging, overleed de geestelijk vader van James Bond.

Door het succes van de films rook McClory zijn kans. Ook hij wilde een graantje meepikken van de Bond-manie die was gecreëerd door Saltzman en Broccoli. Er was alleen één probleem: hoe kon hij ooit gebruikmaken van de grote troef van Saltzman en Broccoli? Namelijk de man die voor bioscoopbezoekers over de hele wereld de belichaming was geworden van James Bond: Sean Connery.

Saltzman en Broccoli zaten op hun beurt met McClory in hun maag. De eenling had immers de filmrechten van Thunderball en daar mocht hij mee doen wat hij wilde. Wat nu als zij McClory eenmalig zouden inlijven?

Kevin McClory

McClory hapte toe. Voor de verfilming van Thunderball (1965) stelden Saltzman en Broccoli zich op als ‘presenters’, McClory kreeg de eervolle vermelding als ‘producent’. In het contract dat zij McClory lieten ondertekenen, stond dat hij de komende tien jaar niets met zijn Thunderball-rechten mocht doen. Het producentenduo had op dat moment geen plannen om nog tien jaar met James Bond door te gaan. Win-win.

Voor McClory was het een buitenkansje. Hij stapte een geoliede filmproductiemachine binnen, hij kon op de Bahama’s zijn contacten en liefde voor de duiksport inzetten, ook stond hij erop dat deze Bond-film in het brede Panavision zou worden geschoten. En wie weet kon hij voor de volgende Bond-productie ook een plaatsje veroveren naast Saltzman en Broccoli...


Na Thunderball was het exit Kevin McClory. Saltzman en Broccoli bouwden gestaag verder aan hun James Bond-filmimperium. Dit keer met het megalomane plan van een uitgeholde vulkaan. McClory had zijn dienst bij de vorige film bewezen – Thunderball was een officiële James Bond-film geworden – ze hadden hem verder niet meer nodig.

In de loop van de jaren die volgden, nam de frequentie van de James Bond-films iets af; in plaats van ieder jaar verscheen er nu om de twee jaar een nieuwe film. Tussen het ooit zo succesvolle duo Saltzman en Broccoli liep het inmiddels wat stroef. Broccoli bleef zich, met uitzondering van Chitty Chitty Bang Bang uit 1968 (ook naar een verhaal van Ian Fleming), volledig inzetten voor James Bond. Saltzman op zijn beurt produceerde talloze andere films. Soms met succes, maar ook met minder succes.

Saltzman had zijn hand verspeeld en moest zijn Bond-rechten verkopen. In plaats van die rechten te verkopen aan een andere producent, sprong filmdistributeur United Artists in dat gat. Vanaf dat moment werd Albert R. Broccoli als soloproducent verantwoordelijk voor James Bond met United Artists als mede-eigenaar.

Broccoli bracht een team samen om voor het eerst zonder Saltzman een Bond-film van de grond te krijgen: The Spy Who Loved Me. Op dat moment een enorme gok. Aartsvijand Ernst Stavro Blofeld, de baas van misdaadorganisatie SPECTE die het James Bond in vele eerdere avonturen moeilijk maakte, zou terugkeren met een nieuw wereldvernietigend plan.


Maar daar had Broccoli even niet meer op Kevin McClory gerekend. De tien jaar sinds Thunderball waren inmiddels verstreken en alles wat dat verhaal aanging, zoals Blofeld en SPECTRE die voor het eerst opdoken in het gelijknamige boek van Ian Fleming, behoorden toe aan McClory.

Broccoli zette een streep door zijn plannen en maakte van Blofeld een nieuwe boef: Karl Stromberg. Andere naam, zelfde streken. Kwestie opgelost.

Kevin McClory op zijn beurt probeerde vanaf dat moment zijn eigen Bond-film te maken, zíjn remake van Thunderball, getiteld Warhead. Grootste troef: de terugkeer van Sean Connery! Broccoli filmde stug verder met zijn James Bond, Roger Moore, die inmiddels een eigen fanschare had gecreëerd en bewezen had een lucratieve 007 te zijn.

Broccoli maakte het McClory ook niet makkelijk, want door alles wat te ver afweek van het originele Thunderball-verhaal en te veel aanschurkte tegen de James Bond van Broccoli, moest een streep. De productie van de McClory-film liet daarom jaren op zich wachten, totdat begin jaren 80 dan eindelijk het startsein kon worden gegeven. Inclusief Sean Connery na twaalf jaar terug als James Bond. Had hij bij zijn afscheid van de Saltzman/Broccoli-film Diamonds Are Forever (1971) gezworen nooit meer James Bond te spelen, daar moest hij nu op terugkomen. Dat bracht zijn vrouw Micheline op een idee: Never Say Never Again opperde zij. En zo geschiedde.

Het werd in 1982/1983 The Battle of the Bonds genoemd: Broccoli met de productie van Octopussy tegen McClory met Never Say Never Again. Oftewel: Roger Moore tegen Sean Connery. Die laatsten hadden hier echter alleen maar schik in, ze werden er immers leuk voor betaald. De acteurs gingen al jaren vriendschappelijk met elkaar om, van rivaliteit tussen die twee was geen sprake.


En ook aan de kassa mochten beide films niet klagen. Octopussy trok volle zalen in de zomer van 1983, terwijl Never Say Never Again naar het najaar van 1983 werd verplaatst. Het publiek kreeg dat jaar de kans twee James Bond-films in de bioscoop te bezoeken. En die kans werd gretig benut.

Kevin McClory heeft daarna nog verschillende pogingen gewaagd een remake van een remake te maken. Hij had immers enkel de rechten van één Bond-verhaal. Zover is het nooit gekomen. Toen de producent in 2006 overleed, bleven zijn erven met de Bond-rechten achter. Die werden in 2013 verkocht aan de erven-Broccoli, die op dat moment al jaren de Bond-films produceerden na het overlijden van hun vader Albert R. ‘Cubby’ Broccoli in 1996.

Met de filmrechten van SPECTRE terug bij de Broccoli’s, bedachten zij zich geen moment. Met wat kunst- en vliegwerk werd de misdaadorganisatie die eind jaren 50 werd bedacht, ingebed in de verhaallijn van de James Bond-films met Daniel Craig. Zie daar de film Spectre uit 2015 in de officiële Bond-canon.


Never Say Never Again
valt net als alle andere Bond-films ook onder Amazon, vandaar dat er op Netflix nu 26 Bond-films staan. Never Say Never Again werd gedistribueerd door Orion Pictures, dat later werd overgenomen door MGM en vervolgens terechtkwam bij Amazon toen de techgigant enkele jaren geleden MGM inlijfde. MGM had United Artists, de mede-eigenaar van James Bond na het vertrek van Harry Saltzman, begin jaren 80 al overgenomen.

Hoezeer Never Say Never Again ook op een James Bond-film lijkt en hoe fantastisch Sean Connery er uitziet met zijn toupet en tuxedo, de film blijft toch altijd een buitenbeentje. Geen James Bond Theme, geen gunbarrel, geen 007-logo. Je zult de film niet in een officiële Bond-box aantreffen. Zo werd Never Say Never Again recentelijk uitgesloten van de Sean Connery 6-film Collection op 4K van vorig jaar en de telling voor de volgende Bond-film gaat, na de 25e film No Time to Die, verder met Bond 26. Als ze bij Amazon MGM Studios niet opnieuw bij 1 beginnen.

Never Say Never Again verscheen op 14 februari 1990 als eerste James Bond-film op de Nederlandse tv. De commerciële zender RTL Veronique (RTL 4) was op dat moment net in de lucht en loofde prijzen uit aan kijkers die 4 op 4 zetten (het zoeken van zenders ging in die tijd nog handmatig): ‘Als ze Veronique op de voorkeuzetoets 4 van hun toestel hebben gezet en een grote opvallende 4 op hun raam hebben geplakt, lopen ze kans vier maal vierhonderd gulden te winnen en misschien een auto.’ Rob Out, destijds programmabaas bij Veronica, leek het een goede idee om James Bond voor de publieke omroep in te zetten, zodat niet iedereen op RTL 4 zou afstemmen.

De uitkomst laat zich raden. Met James Bond valt niet te spotten...

De Telegraaf, 16 februari 1990

Geen opmerkingen:


© Bond Blog 2009 — 2026
Video- en fotorechten voorbehouden aan
Danjaq LLC. / Eon Productions, United Artists Co., Amazon MGM Studios, Columbia Pictures, 20th Century Fox Home Entertainment, Sony Pictures Inc., Universal Pictures