Films en seriesFilms en series
Posts tonen met het label Ursula Andress. Alle posts tonen
Posts tonen met het label Ursula Andress. Alle posts tonen

zondag 29 januari 2023

De Nederlandse bioscooppremière van ‘Dr. No’

Deze week zestig jaar geleden

Het is bijna niet voor te stellen, maar de opnamen van de eerste Bond-film gaan grotendeels aan ons neus voorbij. Dat er een film van een boek wordt gemaakt — er worden zoveel boeken verfilmd. Dat dat een heuse James Bond-film is — who cares?


De Volkskrant is op 14 april 1962 de eerste krant die Ursula Andress in de smiezen heeft. In een artikel, geïllustreerd met enkele foto’s van de actrice, wordt zij gepresenteerd als ‘de Zwitserse Greta Garbo’, zodat we enig idee krijgen met wat voor type we te maken hebben.

Overdag filmt ze in de Pinewood Studios, ’s nachts is zij in het Londense nachtleven te vinden, van de vergelijking met Greta Garbo wil zij niets weten: ‘Terecht wil Ursula Andress dus zichzelf zijn. Dàt ze het is, bewijst ze ook tijdens de opnamen van de spionagefilm „Dr No”, waarin zij de hoofdrol vertolkt. Ze is een fascinerende vrouw: ze is wilskrachtig, ze is zeer aantrekkelijk maar ook koel tegelijk; een klassieke schoonheid is ze, die zes talen spreekt, volledig is overgegeven aan haar werk, maar haar uitgesproken gevoel voor humor èn voor geliefde sporten behoudt.’ 

Verzonken in gedachten, zich nauwelijks bewust van haar imposante schoonheid, rust Ursula Andress even van de enerverende filmopnamen in Londen

Zo komen in ieder geval de lezers van De Volkskrant te weten dat de spionagefilm Dr. No eraan zit te komen (en dat de hoofdrolspeelster humor heeft). Daar zal het voorlopig bij blijven. Dr. No genereert vóór zijn Nederlandse première in januari 1963 namelijk geen enkele aandacht. Misschien daarom wel dat in de koudste winter in Nederland sinds 1789 de film inslaat als… Oordeel zelf.

Allereerst zijn er op 31 januari de krantenadvertenties die door de bioscoopketens worden aangeleverd. Hun taak om zelfs de beroerdste film de hemel in te prijzen, dus enige reserve is op zijn plaats: ‘De held van Ian Flemings internationale thrillers voor het eerst in de bioscoop! Speler…. Avonturier…. Spionnen-vanger…. Vrouwen-veroveraar…. James Bond Geheim Agent 007 Contra Dr. NO…. Mis niet dit eerste James Bond-filmverhaal! Nieuwe adembenemende 007-avonturen zullen volgen.’

James Bond Contra Dr. No, zoals de film hier staat aangekondigd, draait vanaf 31 januari 1963 in slechts twee Nederlandse bioscopen. Zo oordeelt de pers op 1 februari:

Han G. Hoekstra in Het Parool: ‘De Engelsen, toch niet flauw als het op thrillers en verwante produkten aan komt, hebben er zich nooit — bij ons weten — aan gewaagd. Maar nu hebben ze toch eindelijk het strijdperk betreden zelfs met enig fanfaregeschal. (…) Uit de hele aanpak blijkt dat de zaak op seriewerk berekend is en dat men er wat duiten voor over heeft — royale decorbouw, ongebruikelijke finesse en zorgvuldige kleur — om James tot een kasmagneet te maken. Hij zal het wel redden.’ 

De Volkskrant: ‘Begin van een veelbelovende detective-serie — naar de boeken van Ian Fleming — over de superspeurder van de Engelse geheime dienst James Bond, een luxe-uitgave in technicolor van Dick Bos en Eddie Constantine te zamen. Hij drinkt, doet aan judo, schiet met geluidloze revolvers, bevecht giftige spinnen en springt in zijn vrije kwartiertjes vlot met de dames om. Het verhaal — opgelegd pandoer — speelt zich af op Jamaica.’ 

De Tijd–De Maasbode: ‘Baarlijke nonsens, met vaak geslaagde grappen, waarbij Bond, in de persoon van Sean Connery, er natuurlijk in slaagt dr. No onschadelijk te maken. Voor de liefhebbers van het genre een heel leuke tijdspassering, deze „James Bond 007 contra dr. No.”’ 

Henk ten Berge in De Telegraaf: ‘James Bond 007 lijkt een nieuwe mister Moto, een moderne dr. Fu Manchu te worden. (…) Het eerste avontuur van de nieuwe filmserie-held is er en belooft heel wat. De vraag rijst of dergelijke serie-figuren niet uit de tijd zijn. Maar de film antwoordt snel: modern opgezet, aangepast aan de verbeeldingskracht van de bioscoopganger van nu, zal hij beslist zijn weg vinden.’ 

De nieuwe filmserie-held James Bond – gespeeld door SEAN CONNERY – in een scene uit zijn eerste avontuur „Contra Dr. No”. Zijn tegenspeelster is de Zwitserse Ursula Andress.

Anthony Bosman in Algemeen Dagblad: ‘Alle wensdromen van die man en misschien ook wel van de vrouw worden in deze film vervuld. Voeg daarbij alle sensatie, alle gewetenloosheid, de juiste dosering geweld met een behoorlijk tikje griezel, alles competent en in de juiste afwisseling uitgewerkt door de meester in dit genre Terence Young en men weet dat het succes verzekerd is. Swan [sic] Connery heeft als James Bond de rol van zijn leven gevonden.’ 

En tot slot, voor wat betreft 1 februari, Jan Blokker in het Algemeen Handelsblad: ‘Een uiterst gesmeerde toestand treft men in Nöggerath en Royal — titel: James Bond 007 contra dr. No. Aan de orde is een contra-spion die uit het hout van Eddie Constantine is gesneden, die er hard op los slaat en van tijd tot tijd een dame pakt. Voortreffelijk vakwerk — overigens niets.’ 

Dr. No draait in de eerste week vanaf 31 januari 1963 in twee zalen: Royal en Nöggerath in Amsterdam, dagelijks om ‘1.30, 3.45, 7.00 en 9.30 uur’. Royal houdt het na één week voor gezien en vervangt Dr. No vanaf 7 februari voor de film Inspecteur Gorilla slaat erop los; Nöggerath kondigt in de krantenadvertenties aan dat Dr. No zijn derde week ingaat, echter is dit pas de tweede week. Ergo, in zijn tweede week draait de eerste James Bond-film in Nederland slechts in één zaal.

In de derde week staat bij de advertentie van Dr. No de toevoeging ‘Enorm succes’, om vervolgens verkeerd door te tellen met de ‘vierde’ week in Nöggerath. Royal vervangt Inspecteur Gorilla met Salvo’s in het hooggebergte; het ligt niet aan James Bond dat daar iedere week een andere film te zien is. Bioscoop Carolus in Nijmegen vertoont Dr. No die week van vrijdag tot en met donderdag.


De vierde week wordt aangekondigd als de ‘vijfde’ in Nöggerath en voor het eerst is de film te zien in de Rembrandt-bioscopen van Utrecht en Arnhem. Om op de laatste dag van februari de ‘zesde’ week (de vijfde dus) bij Nöggerath in te gaan, de tweede week bij Rembrandt in Utrecht en de eerste en (voorlopig) enige week bij Cinema in Groningen.

Nieuwsblad van het Noorden op 2 maart 1963 over de eerste vertoning van Dr. No in Groningen: ‘(…) een nieuw succes in de befaamde thrillerserie van producent Ian Flemings met zijn politieheld James Bond, geheim agent 007, deze keer gespeeld door Sean Connery. Het is het mooie gladde werk, dat nu eenmaal hoort bij zo’n rol: altijd een tikje slimmer dan de slimste tegenstander, voortvarend in de al dan niet „toegepaste” liefde en onfeilbaar op de revolver. Behalve het „atoomgegeven” is het verhaal tamelijk conventioneel. Maar de uitwerking is filmtechnisch zeer knap. De opening van de film met de cast verdient bijzondere vermelding vanwege het originele aanhefsbeeld en vervolgens het spel met ritmisch bewegende kleurenfiguren.’ 

Sean Connery als James Bond in actie
Dan is Dr. No voor de ‘zevende’ week in Nöggerath te zien en één week in Doelen-Kino in Delft en dat geldt ook voor de week daarna. Na zeven weken, of ‘acht’ volgens Nöggerath, verdwijnt Dr. No uit Amsterdam, om plaats te maken voor de Europees-Amerikaanse co-productie Sodom en Gomorra, waarvoor Ken Adam, net als voor James Bond, de decors verzorgt en Maurice Binder de titels. Dr. No draait die week alleen in Rembrandt in Eindhoven, om in week negen van vrijdag tot en met zondag enkel in Flora in Zaandam op te duiken. Vervolgens in week tien doet James Bond de Scala-bioscopen in Venlo en Tegelen aan.

In week elf zijn Rex in Alkmaar en Palace in Enschede aan de beurt, om in week twaalf een geheel Dr. No-loze week in te gaan.

De dertiende week na de première keert James Bond weer terug naar Amsterdam om van vrijdag tot en met zondag te draaien in bioscoop Astoria en week veertien is net als week twaalf: geen enkele vertoning (Astoria Amsterdam draait die week van vrijdag tot en met zondag Gods geuzen). In week vijftien doet Dr. No Noorderlicht in Tilburg aan en vanaf vrijdag de Buitensociëteit in Zwolle en week zestien is gereserveerd voor Trianon in Leiden en van vrijdag tot en met maandag voor Astoria in Dordrecht…

En zo trekt Dr. No vanaf 31 januari 1963 door het land; een weekje hier, twee weekjes daar en soms alleen een weekend. Verschillend per voorstelling is de leeftijdsgrens, die in de ene bioscoop 14 en in de meeste gevallen 18 jaar bedraagt. Uit de Leidse Courant van 18 mei 1963: ‘Hoewel de film vrij onschuldig vertier betekent, trok KFC toch zeer terecht de leeftijdsgrens op tot personen boven 18 jaar.’ Met KFC werd toentertijd de Katholieke Film Centrale bedoeld.

Ondertussen vinden in Londen de opnamen van de tweede James Bond-film From Russia with Love plaats. ‘Een bijzondere medewerker’ van De Telegraaf is er in Pinewood Studios bij als het decor van Bonds Turkse hotelkamer ‘onder de slopershamer’ verdwijnt: ‘Gisteren nog was hier het intieme rendezvous van internationale spionnenjager JAMES BOND en zijn Russische lokvogel, het meisje TATIANA. Nou ja — intiem... er was een volledige opnameploeg met lampen en microfoons in de weer en er stonden welgeteld veertien persfotografen tussen het decor. Want deze scène, uit de thriller FROM RUSSIA WITH LOVE was de kennismaking tussen het moderne filmidool SEAN CONNERY en zijn beeldschone uit honderdtallen kandidaten gekozen tegenspeelster, de 21-jarige Italiaanse officiersdochter DANIELA BIANCHI.’ 

SEAN CONNERV werd aangewezen als de meest geschikte man om gestalte te geven aan Ian Fleming’s avontuurlijke held JAMES BOND. Connery werkte nog niet zo lang geleden o.a. als melkwagenchauffeur en lijfwacht.

Dit Telegraaf-artikel van 3 mei 1963 citeert producent Harry Saltzman die vertelt slapeloze nachten te hebben gehad voor de première van Dr. No. Dat blijkt onnodig, want: ‘„Drie maanden later waren we in Engeland alleen al uit de kosten gekomen!” (…) Wij konden mr. Saltzman óók geruststellen, wat Nederland betreft, waar „JAMES BOND GEHEIME AGENT 007 CONTRA DR. NO.” sinds enige maanden in roulatie is.’ 

In ieder geval is Saltzman gerustgesteld dat de filmkopie goed in Nederland is aangekomen. Of de film hier geld in het laatje brengt, laat de krant namelijk in het midden.

In week 25 na de eerste vertoning in Amsterdam is het de beurt aan Rotterdam om Dr. No op het filmmenu te zetten. Het Vrije Volk daarover op 19 juli: ‘Een thriller van meer dan de gemiddelde kwaliteit is „James Bond 007 contra Dr. No”, waarvan Thalia de komende week de Rotterdamse première geeft. Schieten, vechten, veel lijken en veel geheimzinnigheid, alles volgens het bekende recept maar dit keer door Terence Young met vaardige hand tot een van het begin tot het eind spannend geheel gecomponeerd, al gaat aan het eind van de film, de fantasie van de maker, in fantasterij over.’ 

Een thriller van bijzonder kwaliteiten is „James Bond 007 contra Dr. No” (Thalia), waarin Sean Connery de agent van de Britse Geheime Dienst is, die het tegen de duivelse supermisdadiger Dr. No opneemt en in een strijd op leven en dood – uiteraard – de zegepalm wegdraagt.

In week 32 draait Dr. No ook in de Rotterdamse Metro-bioscoop: ‘METRO herhaalt de goedgemaakte thriller „James Bond 007 contra Dr. No”, waarin een Brits geheim agent het opneemt tegen een machtige fanaticus, die vanaf een West-Indisch eiland Amerikaanse raketten uit hun baan tracht te halen’, aldus Het Vrije Volk op 6 september.

In week 34 is Dr. No in bioscoop Royal in Heerlen beland. Daar krijgt de film op 19 september een dijk van een aankondiging in het Limburgs Dagblad. Op de eerste twee zinnen na geheel in kapitalen geschreven:


Hoewel een betere aankondiging nauwelijks denkbaar is, staan er drie fouten in één zin: Sean Connery is zo’n 1 meter 88 lang, een flinke knaap, zeker voor die tijd, maar ook weer niet uitzonderlijk lang, in ieder geval geen twee meter; zoals iedereen inmiddels weet is hij geboren en getogen in Edinburgh, de hoofdstad van Schotland, een trotsere Schot dan Connery moet nog worden geboren; de verkeerd gespelde naam ‘Conneay’ rekenen we als ordinaire tikfout.

Dat Dr. No het begin van een reeks is, daarvoor hoeft niemand op dat moment een glazen bol te hebben; binnen een maand verschijnt From Russia with Love in de Engelse bioscopen. Dat de reeks onuitputtelijk lijkt, dat kan niemand op dat moment bevroeden.

Enkele dagen later verschijnt in het Limburgs Dagblad de recensie: ‘Het is een spionagefilm van de beste soort, niet slechts gecomponeerd uit de normale, overigens ook voldoende bekende, voorvalletjes en plotseling opdoemende, geheel onverwachte situaties. Nee, het is even meer dat de bezoeker eender voorgeschoteld krijgt in al de geheimzinnigheden, welke deze rolprent biedt. De vertrekken, waarin zich vele scènes afspelen, landhuizen en laboratoria met de meest ingenieuze installaties en machines houden u wel zo in spanning — en bovendien in zo’n wervelende vaart, dat het soms moeilijk valt de draad van het verhaal maar meer nog de zich afspelende feiten op de voet te volgen en in hun juiste proporties te rangschikken. Men wordt van de ene in de andere sensationele ontmoeting gebracht en de gebeurtenissen nemen voortdurend een vergelijke wilde en onverwachte loop, dat de bezoeker naar de afloop slechts durft te raden, indien hij daarvoor tenminste nog de tijd kan vinden. (…) Het mag echter gezegd worden, dat hier een boeiende verfilming is gemaakt van een van Ian Flemings beroemde spionageromans, waarin Sean Connery als een voortreffelijke James Bond optreedt en voorts knap wordt bijgestaan o.a. door Ursula Andress, Joseph Wiseman, Jack Lord en Bernard Lee, het geheel onder regie van Terence Young, die — het zij ronduit gezegd — er een avontuurlijk, knap in elkaar gezet, geheel van heeft gemaakt, waarnaar het kijken de spanning slechts doet stijgen. (…) Wegens een herhaald cynisch neerschieten van de tegenstander, maar ook om enkele lichtzinnige scènes, waarin de hoofdpersoon zich op zijn avonturentocht stort, moeten we voorbehoud maken voor volwassenen.’

Dr. No vervolgt zijn toer door Nederland en duikt op in verschillende Friese bioscopen: ‘Ian Fleming heeft al vele jaren achtereen knappe boeken geproduceerd, waarin de geheime agent James Bond er steeds weer in slaagt aan de meest onwaarschijnlijke moeilijkheden het (schrandere) hoofd te bieden’, schrijft de Leeuwarder Courant op 23 november 1963. En op 4 januari 1964: ‘In Cinema Modern ditmaal een spannende thriller, namelijk „James Bond 007 Contra dr. No,” waarvan de insiders weten, dat James Bond de held is uit Ian Flemings internationale spionageverhalen. De opwindende geschiedenis speelt zich af op Jamaica, waar de intriges nog broeiender zijn dan (naar wij aannemen) de temperatuur.’


In Groningen gaat Dr. No in reprise, ditmaal in het Beurstheater: ‘Bijna een jaar geleden — in de eerste week van maart ’63 — draaide in Cinema „James Bond 007 contra Dr. No”, een van de bekende verhalen uit de 007-reeks van de schrijver Ian Fleming. Nu is de film hier al terug. (…) Op het „atoomgegeven” na is het verhaal tamelijk conventioneel, technisch zit de film heel goed in elkaar’, schrijft Nieuwsblad van het Noorden in januari. In maart doet de eerste Bond-film ook de Sleutelstad weer aan: ‘De geheime agent James Bond is in Leiden geen onbekende meer. Zijn film „Contra dr. No” heeft hier al eerder gedraaid. De held van Ian Flemings boeken wordt gespeeld door Sean Connery, een krachtig gebouwd jongmens dat al evenmin als Eddie Constantine uit de weg gaat voor boeven, drank of mooie vrouwen. Als zodanig zouden twee krachtpatsers wel eens ernstige concurrentie kunnen worden. De manier waarop James Bond de wereld redt doet verwachten dat hem nog wel andere opdrachten zullen wachten die zonder twijfel weer zullen worden verfilmd.’

De komende jaren zal Dr. No week in week uit wel ergens in het land te zien zijn. Pas vanaf 1968 is een afname van het aantal voorstellingen te merken, maar dan nog duikt de eerste Bond-film nog regelmatig op. Het jaar 1969 is het eerste jaar dat Dr. No niet tot december draait. Wie de film nog wil zien, kan in de week van 10 september 1969 naar De Hallen in Amsterdam.

In 1970 en 1971 draait Dr. No nergens in Nederland in de reguliere bioscoop. Pas in 1972, tien jaar na de wereldpremière, is de film vanaf december weer in Nederland te zien.


Sinds de release van de eerste James Bond-film zijn we op dat moment zeven Bond-films rijker…

donderdag 15 september 2022

Bond-doolhof in maisveld

Je móet het wel van de bovenkant zien, anders heb je geen idee dat je door de beeltenis van de James Bond-acteurs loopt. In de Amerikaanse staat Illinois is een maisveld van 28 hectare omgetoverd tot een James Bond-doolhof.


Mocht je in de buurt zijn: hier is meer informatie te vinden over Richardson Farm, maar het ging mij vooral om het waanzinnige plaatje.

Met dank aan Malou van Zwieten voor de tip!

maandag 16 november 2020

Geen interesse voor bikini Ursula Andress

Volgens ingewijden had het badkledingstuk zo’n half miljoen dollar kunnen opleveren: de bikini die Ursula Andress droeg in Dr. No (1962). Het kleinood is vorige week donderdag onder de hamer gegaan. De dag daarna: nergens jubelnieuws. Geen wonder. Niemand wilde het iconische filmkostuum hebben.

Ursula Andress in Dr. No (1962)

De beroemdste bikini ter wereld werd eerder geclassificeerd als een bijzonder gewild stuk op een veiling van Hollywood-memorabilia. Het startbod begon op 300.000 dollar, zo’n 254.000 euro. Marktexperts daarentegen hadden veel meer ingeschat: een half miljoen dollar.

Maar toen liep alles anders, aldus het Duitse Bild, niemand wilde donderdag een bod uitbrengen op het unieke stukje stof. Zelfs het Bikini Art Museum uit Bad Rappenau niet.

Het museum had vooraf interesse getoond, maar op het laatste moment bedacht de museumeigenaar zich. Uiteindelijk heeft helemaal niemand een bod uitgebracht.

Om niet met lege handen van de online-veiling thuis te komen, bood Alexander Ruscheinsky van het Bikinimuseum op een gebreide badjurk gedragen door Elizabeth Taylor in Raintree County (1957). De prijs die hij daarvoor betaalde: 4000 euro. Ruscheinsky wacht nu rustig tot de bikini uit James Bond op een later moment voor een lager startbod onder de hamer komt.

dinsdag 11 april 2017

The Look of Love

50 jaar Casino Royale, die van Charles K. Feldman


Als er één ding na vijftig jaar overeind is gebleven van Casino Royale uit 1967, is het de muziek van Burt Bacharach, de rest is op zijn zachts gezegd een rommeltje.


Deze week precies een halve eeuw geleden verscheen deze rariteit onder de Bond-films (als we de prent dit predicaat mogen geven) in de bioscopen. Nederland volgende overigens pas in december van dat jaar. Dit is hoe de kranten destijds oordeelden:
Spektakelstuk van allure

Casino Royale is een groot circus


Charles K. Feldman laat zijn met sterren overladen „Casino Royale” eindigen met een chaos van kleuren, vechtende, schaterlachende mensen en enkele elkaar gelukwensende James Bonds. Een derde, het neefje van de hele echte, van Sir James Bond, loopt zijn atoompil af te tellen en als het ding in zijn maag ontploft gaat de hele troep floep de lucht in.

Ze krijgen vleugeltjes — de nare Bond ook per vergissing maar dat wordt gecorrigeerd — en leven nog lang en gelukkig in de hemel. Een symbolisch slot: Feldman heeft een eenzame Bond gevonden in de roman van lan Fleming, de filmrechten van de andere Bondboeken zijn in handen gekomen van Harry Salzman die haastig Dr. No heeft gemaakt. Een van de vele gevolgen was dat Feldman later de Bond-figuur met al zijn attributen niet meer kon gebruiken.

Casino Royale bleef liggen tot het publiek Bond-minded was. Toen werd het idee uitgevoerd om achter de titel van de roman een film te bouwen die wel op Bond zou zijn geïnspireerd maar meer ook niet. Zo is Casino Royale ontstaan, een spektakelstuk van allure.

Er is een staf regisseurs, scenaristen en dure acteurs aan te pas gekomen om deze film inhoud en tempo te geven. Het resultaat is een verzameling geparodieerde Bondavonturen met veel vrouwelijk schoon die geheel voldoet zolang Feldman de kolder sec vakkundig bedrijft.

Als hij, wat meermalen gebeurt, toch de echte Bond imiteert, blijft de film vanzelfsprekend beneden het gewenste peil want onmiddellijk gaat de toeschouwer dan toch vergelijken. En dan moet Feldman het afleggen tegen Harry Salzman.

Oer-Bond


De sterren: David Niven als de oer-Bond, zijn neef Bond Woody Allen, Peter Sellers als Bond nummer 1 en zijn tegenspeler in de film Orson Welles als Le Chiffre, Ursula Andress als de vrouwelijke 007, Jean Paul Belmondo, Deborah Kerr, Terence Cooper komen uiteraard slechts zelden tot prestaties welke van hen worden verwacht op grond van hun reputatie.

Zij verdwijnen voor een deel in de massa. Dat is niet zo erg, want er staat telkens weer een andere grootheid klaar om de taak „vermaak het publiek’ over te nemen. Casino Royale is een groot circus en daarmee bedoelen we beslist geen kwaad te zeggen. Een goed circus is een fantastisch ding om zich te vermaken.


Feldman goochelt uitstekend met zijn gadgets, er zijn waarachtig enkele nieuwe en van prima kwaliteit bij. Zijn grappen zijn voor een groot deel uit het arsenaal van de Sennet-periode en Feldman wil dat best weten; af en toe is zijn film een puur stukje nickelodeon. En het publiek zal dat wel weten te waarderen, het is een eenvoudige humor van man tot man.

MENNO HIELKEMA
Het Vrije Volk, 22 december 1967

David Niven en Ursula Andress

Casino Royale: gekste Bond-film ooit gemaakt

Superlatieven schieten tekort bij het schrijven over de nieuwste James Bond in Casino Royale. Het is de Bond met de meeste Bonds, de meeste dure acteurs en de meeste regisseurs, die ooit is gemaakt. Of het ook de duurste is, durf ik niet te zeggen, maar ver er vanaf kan het in elk geval niet zijn. Zeker is het de gekste Bond, die ik ooit heb gezien, in deze zin dan dat de gekheid opzettelijk is en geen gevolg van slechte smaak bij de makers van de film. Duidelijk is de opzet eens en voor altijd af te rekenen met de Bond-mythe op een wijze, die de toeschouwer met pijn in de buik van het lachen de bioscoop doet verlaten.

Het is moeilijk te zeggen of die opzet volledig is geslaagd. Ik voor mij vond het allemaal zo nu en dan wat teveel worden: als je voortdurend moet lachen krijg je kramp in je kaken en dan is de lol er gauw af. De film is gebaseerd op de gelijknamige roman van Fleming, maar het gegeven is wel zozeer op zijn essentialia uitgebeend, dat het er nog slechts als een uiterst summier aangegeven rode draad doorheen loopt. Daardoor is Casino Royale een nogal warrig geheel geworden, waar zo nu en dan geen touw aan vast te knopen valt.

Het verhaal, voorzover het in woorden weer te geven valt: de chefs van de geheime diensten van de Grote Vier hebben er genoeg van, dat Smersh (de onafhankelijke spionageorganisatie, die in alle Bondverhalen 007's tegenstandster vormt) voortdurend hun spionnen uitroeit en besluit de hulp in te roepen van de enige echte Bond. Dat blijkt een nogal excentriek gentleman te zijn, die op een buitenissig buiten yogaoefeningen afwisselt met mijmeringen over zijn laatste geliefde Mata Hari en het spelen van Debussy „totdat het te donker is om de toetsen van de piano nog te zien”.

In tegenstelling tot de pseudo-Bonds, die wij in alle vorige films te zien hebben gekregen is deze Bond een uiterst kuis heer, die er nog zeer romantische ideeën op na houdt.

Hoe hij erin slaagt Smersh ditmaal schaakmat te zetten, moet u zelf maar gaan zien. Wel wil ik hier nog noteren, dat de film volgepropt is met een ongelooflijk aantal vondsten. Tot de uitschieters daarvan behoort het gedeelte, dat zich in Berlijn afspeelt. De Smersh-spionageschool met zijn prachtig surrealistisch decor hoort stellig tot de hoogtepunten van de film.

Casino Royale — ik zei het al — is gemaakt door een groot aantal regisseurs, van wie dan in de eerste plaats John Huston moet worden genoemd, die ook zelf een rol meespeelt. David Niven is een kostelijke antieke en preutse 007, Peter Sellers een prachtige beroepsgokker en Woody Allen zeker de krankzinnigste van alle kwade geniussen, die ooit in Bondfilms hebben gefigureerd.


A. t. O.
Nieuwsblad van het Noorden, 22 december 1967

Ursula Andress en Peter Sellers

GEKKE Bond
 
Tja, of dit de echte James Bond is ... een halve gare is hij zeker. Hij beweert de originele te zijn, als Sir James op een Engels buiten te rusten op zijn spionage-lauwren, nogal verbitterd omdat ze zijn beroemde naam gegeven hebben aan een onverlaat die hij een sexmaniak vindt. Hij keert terug in de dienst en zal eens laten zien dat hij het vak niet verleerd is en geen behoefte heeft aan die malle apparatuur en trucages die zijn verachte jonge collega wel gebruikt, showbink die hij is.

TROEP

Zijn trekken zijn dan duidelijk anders: niet he-man Sean Connery verschijnt in beeld maar in „Casino Royale” opereren de droogkomieken David Niven, Peter Sellers en Woody Allen onder code 007. Er wordt op een luxueuze manier dan ook een flinke troep van gemaakt, met slapstick, een crazy-show en grappen, soms leuk, soms erg flauw. Ze hangen als een serie gekke (en dure) invallen nogal onlogisch aan elkaar en hun som is een wel aardige film. Het is overmoedig maar best plezierig om met het gezag van 007 eens de draak te steken.


Henk ten Berge
De Telegraaf, 22 december 1967

David Niven en Barbara Bouchet

Daliah Lavi en Woody Allen

Vijf maal JAMES BOND: verbazingwekkend spektakel

JAMES BOND is zo dood als een pier. Hij is aan het opblazen van zijn eigen legende bezweken. Dat betreft dus DE cinematografise beststeller van de laatste jaren en dat wil zeggen dat de fameuze held allerminst een rustig sterfbed gegund is. Tot en met zijn allerlaatste kik moet hij nog mee en het is op die conditie, dat men hem op zijn laatste benen kan gadeslaan.

Casino Royale, de nieuwste Bond is overigens geen echte, want van een andere firma, die de befaamde titelrolvertolker niet op de betaalrol heeft. Om in dit welhaast onoverkomelijk gemis te voorzien, werd teruggegrepen op de dolste kunstgrepen. Niet één Bond treedt aan, maar wel een stuk of vijf! De ware blijkt nu achteraf Sir James Bond B. te zijn geweest, een onvergetelijke veteraan, nog uit de grote tijd van Mata Hari. Bij die legendarische vrouwelijke spion heeft deze zuivere figuur, die sterk blijkt neer te kijken op de „sexuele acrobaat”, die zijn naam misbruikt, nog indertijd een dochter weten te verwekken.


Voor die dochter is een belangrijke rol in de film weggelegd, naast een hele rij nep-Bonds.


Casino Royale moest nu kennelijk de allergrootste en allesovertreffende parodie worden op het geheimeagententhema. Een dol spectakel, waarbij waarlijk niet op een dubbeltje werd gekeken.


Zo is er een film ontstaan als een kerstboom, vol bonte krullen, veel engelenhaar, maar ook zonder duidelijk voor- en achterkant. De duurste sterren lopen erin rond alsof het allemaal niets kost. Orson Welles, Peter Sellers, Ursula Andress, David Niven, Woody Allen, Daliah Lavi, John Hutson en ook nog even Jean-Paul Belmondo.


Een vijftal regisseurs is aangetreden, waaronder ook Huston.


De beslissende en pijnlijke vraag bij een dergelijk alles of niets spectakel is of het nu ook leuk geworden is. Het antwoord op die vraag is: een beetje. Er zijn enkele heel komische scènes, maar voor de rest wordt door al die hevige toestanden eerder de verbazing dan de lachlust geprikkeld.


A. de L.
 De Waarheid, 22 december 1967

Orson Welles als Le Chiffre

De laatste James Bond

DIT IS een James Bond-film geschikt om aan alle Bond-films een einde te maken. Waren de oorspronkelijke films over de geheim agent 007 bedoeld als louter krachtpatserij en persiflage van een lang beoefend genre, en ware de navolgers — van James Tont tot Matt Helm — vooral komische lachertjes — „Casino Royale” verbindt alle tot nu toe vertoonde genres en vertoont nog meer. Een overdaad aan filmsterren van klasse, een logische situaties een veelvoud van opeenstapeling van de dolste, ook onvrouwelijk schoon — en waren we op dit punt al niet verwend?


Eén bezwaar: de film heeft niet minder dan vijf regisseurs en vertoont daardoor een ratjetoe van stijlen met zulke overdadige interieurs dat het echt te veel wordt. Er wordt verder weinig moeite gedaan in het verwarde verhaal althans enige lijn te brengen. Maar kom — u ziet de enige echte James Bond (tegenwoordig Sir ...) met zijn dochter — ook die van ... Mata Hari — de meest bizarre avonturen beleven en u maakt een oorverdovend, daverend, sensationeel filmslot mee zoals u nog niet hebt gezien. Een echte Kerstfilm? Nee. Maar zeker heel plezierig amusement.
De Tijd, 22 december 1967

zondag 8 september 2013

Honingstem

Ogen dicht en luisteren... Nee, ogen open. Dan zíen we tenminste een keertje wie de stem van Honey Ryder uit Dr. No is. Bekijk hier een stukje uit de film, met de ietwat onhandige titel: Honey Ryder (Nikki van der Zyl), 1962.


Je kunt het nog steeds horen. Iets ouder, zoals iedere stem na vijftig jaar, maar dit is nog steeds zoals wij ons Ursula Andress als Honey Ryder herinneren. En Domino uit Thunderball. En Kissy uit You Only Live Twice. En tal van andere personages uit de vroege Bond-films.

Het is geen geheim dat de stem van deze Bond-girls toebehoort aan de Duitse stemactrice Nikki van der Zyl, of Monica zo je wilt. Documentairemaker en fotografe Taryn Simon heeft de stem als onderwerp voor haar film gekozen.

Zo zien wij dat graag: een radartje uit het Bond-universum als hoofdonderwerp. Zo mag er van ieder onderbelicht aspect uit vijftig jaar Bond-films wel een film gemaakt worden. Wie zoekt nu eens tot de bodem uit wie de geheimzinnige stem van Blofeld in Thunderball is? Wat is de echte reden waarom Jan Werich werd vervangen door Donald Pleasence in You Only Live Twice? En wie maakt nu eens die documentaire over 'bijna-Bond' Hans de Vries?

Met dank aan Hans Schwarz voor de tip.

dinsdag 18 december 2012

Cinema Retro's Movie Classics: Dr. No

Website MovieMorlocks recenseerde een paar dagen geleden de laatste editie van Cinema Retro's Movie Classics magazine. De recensie was lovend en daar ben ik het roerend mee eens. Die bespreking bracht me op het idee mijn eerste gastcolumn over dit magazine te schrijven.

Door gastauteur Dion Janssen


Ik ben al lange tijd fan van films uit de jaren '60 en '70, de gouden jaren van Hollywood. De films uit dit tijdperk waren revolutionair. Veel jonge filmmakers van destijds maakten gewaagde en schokkende films die aansloten bij het grauwe tijdsbeeld, zoals de Vietnam-oorlog.

Als eerbetoon aan de films uit de jaren '60 en '70 werd in 2005 het tijdschrift Cinema Retro opgericht door Lee Pfeiffer en Dave Worrall. De oprichters zijn in de Bond-wereld bekend van onder meer evenementen, boeken en documentaires.

Lee Pfeiffer (links) en Dave Worrall

Per toeval ontdekte ik Cinema Retro op het internet. Cinema Retro bracht vier jaar geleden naast de gewone editie een speciale editie van het magazine uit. Dit speciale nummer was, in tegenstelling tot de gewone edities, steeds geweid aan één film en verschijnt ieder jaar. Beginnend met Where Eagles Dare (1966), daarna kwam The Man with No Name-trilogie(1964-1966) en vorig jaar werd Kelly's Heroes (1970) uitgegeven.

Het zal niemand zijn ontgaan: dit jaar bestond James Bond 50 jaar. Een goede reden voor Cinema Retro om hun vierde speciale editie aan de eerste Bond-film Dr. No te weiden.


Ook deze laatste editie is weer verbluffend. Boordevol exclusieve foto's, informatie en interviews. Hoogtepunt voor mij in deze uitgave: het interview met scenarioschrijfster Joanna Harwood. Ze heeft in haar leven nauwelijks een interview gegeven, en dat is misschien maar goed ook, want in dit gesprek laat mevrouw Harwood geen spaan heel van regisseur Terence Young: 'Terence Young is someone I did not like at all. He was extraordinary pleased with himself for a start. I think he was absolutely convinced he was the best director out.'

Wat de eerste Bond-girl Ursula Andress met Joanna Harwood gemeen heeft, is een hekel aan het geven van interviews. Maar het is Cinema Retro gelukt ook een kort interview af te nemen met de beroemdste aller Bond-girls.

Het mooiste aan Cinema Retro is de passie waarmee zij hun magazines maken. Ze zijn nauwelijks commercieel bezig, hun website is bijvoorbeeld vrij gedateerd en onoverzichtelijk, maar hun vuistdikke magazine van 148 pagina's compenseert dat volledig.

Voor Bond-fans is de Dr. No-editie een absolute must-have.


Cinema Retro kan hier besteld worden. Op is op.

© Bond Blog 2009 — 2026
Video- en fotorechten voorbehouden aan
Danjaq LLC. / Eon Productions, United Artists Co., Amazon MGM Studios, Columbia Pictures, 20th Century Fox Home Entertainment, Sony Pictures Inc., Universal Pictures